De Amerikaanse president George Bush neemt een grote gok met zijn ’nieuw beleid’ ten aanzien van Irak. Het oude beleid, concludeerde hij zelf, is mislukt. Maar zijn nieuw beleid is op veel punten alleen maar meer van het oude. Hij slaat ook geen nieuwe, diplomatieke wegen in, zoals hem is geadviseerd door de commissie onder leiding van James Baker.
Bush stuurt ruim 20.000 extra manschappen naar Irak, van wie de meesten naar Bagdad en zo’n 4000 naar de soennitische Anbar-provincie. Dat laatste is vermoedelijk voor het evenwicht: in de Iraakse hoofdstad zullen veelal sjiitische milities de tegenstander zijn, en om de aanvaardbaarheid daarvan voor de Iraakse sjiieten te vergroten, moet ook het soennitisch verzet steviger worden aangepakt. Het idee is dat Bagdad met de extra manschappen kan worden gepacificeerd en opgebouwd. De rest van het land kan dan volgen.
Hoewel de troepenvermeerdering in Bagdad substantieel is, valt te betwijfelen of het effect heeft. Al sinds 2003 proberen de Amerikanen en de Iraakse regering de hoofdstad in de greep te krijgen. Het geweld en de religieuze segregatie zijn echter slechts toegenomen. Zelfs binnen de zwaarbeveiligde Groene Zone zijn aanslagen. Daarbuiten woedt de facto een burgeroorlog. De Iraakse regering, die in de plannen een substantiële taak heeft, is tot nu toe machteloos gebleken en misschien wel onwillig.
Dat weet Bush uiteraard ook. De ’nieuwe strategie’ lijkt dan ook vooral bedoeld om duidelijk te maken dat hij nog wat te besluiten heeft, ook al maken Democraten de dienst uit in het Amerikaanse Congres. Mogelijk hoopt hij dat zijn volharding de Iraakse facties ervan overtuigt dat de VS ten volle betrokken blijven – en misschien zet dat ze zo onder druk dat ze tot een vergelijk te komen. Het lijkt ijdele hoop.
Het meest ernstige is dat Bush niets gedaan heeft met de aanbevelingen van de Iraq Study Group onder leiding van ex-minister James Baker. Die groep van prominente Democraten én Republikeinen bepleitte juist terugtrekking van manschappen en het aangaan van een dialoog met Syrië en Iran. Bush gaat er recht tegenin. Daarmee mist de president een cruciale kans meer steun te verwerven aan het thuisfront.
Zonder brede strategie, zonder steun thuis, en met een uiterst zwakke Iraakse regering, is de gok van Bush tot mislukken gedoemd. Niemand heeft een pasklaar antwoord voor de crisis in Irak, maar dit vormt zelfs niet een begin daarvan.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.