„Wie met de tijdgeest trouwt, wordt snel weduwenaar,” zegt men wel eens. Zo niet het CDA-Kamerlid Jan de Vries (Podium, 11 mei). De Vries reageerde op vragen mijnerzijds over een subsidie aan Youth for Christ. Volgens De Vries ’snap ik de tijdgeest niet’. Hij schuift mij standpunten in de schoenen die ik nooit ingenomen heb. Het verwijt dat D66 antireligieus is, raakt kant noch wal. Zoals ik vorig jaar samen met Marleen Barth van het CNV schreef, ben ik van mening dat religie juist een bindmiddel kan zijn.
Het was mij om iets anders te doen. Ik vind het principieel onjuist dat de overheid een organisatie financiert om een geloof of levensbeschouwing te verspreiden. Geloof is een privézaak waar de overheid zich verre van moet houden.
Ik pleit niet voor het stopzetten van alle subsidies aan niet-neutrale organisaties. Ik word echter wel argwanend als de initiatiefnemer van YfC zijn doel toelicht met: „Dienstbaarheid wordt dan een aanknopingspunt voor relatie. En vanuit relatie kan geloofsoverdracht plaatsvinden.” Bij het subsidiëren van vrijwilligerswerk door een missionair ingestelde organisatie ben ik extra alert. De scheiding van kerk en staat is een principiële zaak, maar hier is nog meer reden tot terughoudendheid van de overheid: het gaat hier om hulp aan kwetsbare groepen. Ik respecteer dat De Vries zich opwerpt als belangenbehartiger van christelijke organisaties, maar hij moet geen karikatuur maken van mijn standpunt. Godsdienstvrijheid is essentieel, maar de staat moet zich buiten missiewerk houden.
Alexander Pechtold fractievoorz. D66
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.