*

 

Spiritueel maar niet zweverig

door Maaike Wind − 19/01/07, 00:00

Herman Wijffels, sinds Kerst bezig om het volgende kabinet-Balkenende in elkaar te zetten, is een spirituele man. Althans, hij is verbonden aan diverse spirituele clubs. Welke?

Dagenlang samen overleggen op bijzondere en soms geheime locaties zonder gesprekken met de media of spindoctors: Herman Wijffels leidt de kabinetsformatie op een ongebruikelijke manier.

En ook op andere terreinen heeft Wijffels onconventionele zienswijzen, die niet direct te verwachten zijn van iemand die een belangrijke positie in het bedrijfsleven en de politiek vervult. Zo is hij actief binnen diverse organisaties die zich bezighouden met spiritualiteit – al gebruikt hij dat woord zelf eigenlijk zelden.

Dat betekent niet dat hij geen duidelijke boodschap heeft. Zijn thema’s zijn milieu en duurzaam en sociaal verantwoord ondernemen.

Wijffels betoogde vorig jaar april tijdens een bijeenkomst van het Natuurcollege van prinses Irene, waar hij vicevoorzitter van is, dat we in een tijd leven waarin zich nieuwe inzichten aandienen over de manier waarop we leven. Goede sociale en ecologische verhoudingen zijn volgens hem voorwaarde van economische ontwikkeling en groei. „Als we op de oude manier verder gaan, lopen we vast”, zei Wijffels.

Wijffels, die opgroeide op een boerderij in Zeeuws-Vlaanderen, hecht veel waarde aan de natuur. Een aantal keren maakte hij tochten door Zuid-Afrika, soms met zakenmensen en politici, om hen te wijzen op het belang van de natuur.

In 2005 vergezelde Ikon-programmamaker Paul Rosenmöller Wijffels op een van zijn reizen. Tijdens deze tocht benadrukte Wijffels dat iedereen, en dus ook een leider, gebonden is aan de grenzen die de natuur de mensen stelt. Wijffels: „Je wordt je hier bewust van het feit dat je de natuur niet naar je hand kunt zetten. Als er een olifant staat dan maak je een ommetje. Je past je aan aan de orde die er heerst. Dat is voor mij de kern van duurzaamheid. Dat we ons bewust zijn van onze manier van leven en van de grenzen aan de natuurlijke orde. Als we die doorbreken, krijgen we allerlei verstoringen zoals in het klimaat of de luchtkwaliteit.”

Voor leiders is een bijzondere rol weggelegd, zei Wijffels tijdens de bijeenkomst van het Natuurcollege. „We moeten af van piramidestructuren en op zoek naar netwerken. In een netwerk luisteren mensen naar de leider vanwege zijn inhoudelijke competentie, niet vanwege de positie die hij bekleedt. Er is nog veel te kort aan dat soort leiderschap. Een leider moet mensen meenemen naar nieuwe verhoudingen en nieuwe manieren van werken en ze daarin voorgaan en richting geven. Een leider biedt ruimte, vertrouwen en ondersteuning.”

Wijffels is gastdocent en adviseur bij The Edge, een ’internationaal opleidingsinstituut voor leiderschap en spiritualiteit’ in de buurt van Zwolle. Tijdens de tien maanden durende opleiding ontwikkelen studenten hun persoonlijkheid en leiderschap om zo de mensheid te kunnen leiden naar een betere wereld. Ook biedt de school cursussen en workshops aan.

Directeur Erik van Praag: „Voor ons is spiritualiteit dat je niet alleen aan je eigen belangen denkt, maar dat je je verbonden voelt met het grotere geheel.”

Van Praag ziet in Wijffels een kundig leider. „Ik kan me goed voorstellen dat Wijffels als formateur is gekozen. Niet zozeer om zijn specifieke denkbeelden over leiderschap maar omdat hij een heel aimabel mens is en voor veel mensen gezaghebbend. Hij is nooit bang geweest om z’n nek uit te steken. En hij is een ervaren rot. Hij heeft ongetwijfeld de filosofie dat je eerst goed met elkaar moet kunnen opschieten voordat je gaat onderhandelen.”

Van Praag ziet deze kwaliteiten ook terug in de periode waarin Wijffels eerst als lid en later als voorzitter deel uitmaakte van de directie van de Rabobank, van 1981 tot maart 1999. „Daar heeft hij een radicaal beleid gevoerd. Hij heeft zijn ideeën over leiderschap echt waargemaakt.”

Wijffels liet bij de Rabobank zien dat winst maken goed te combineren valt met zorg voor de maatschappij. De bank ondersteunt initiatieven voor kleine bedrijven in Afrika en Azië. En in Nederland houdt de Rabobank zich bezig met duurzame landbouw. Ook investeert de bank in de wijken waarin de bankkantoren liggen.

Bij zijn afscheid richtte de bank het Herman Wijffels Fonds op. Dat fonds wil het maatschappelijk verantwoord ondernemerschap van jongeren bevorderen, door jaarlijks de Herman Wijffels Innovatieprijs uit te reiken. Bijzonder aan Wijffels vindt Van Praag dat hij mensen zo enorm kan inspireren. „Hij laat zich niet uit het veld slaan als iets niet goed gaat. Hij straalt een diep vertrouwen en een innerlijke kracht uit. Daarin doet hij me denken aan Václav Havel, de vroegere president van Tsjechië.”

Van Praag heeft Wijffels leren kennen als een bescheiden man die niet snel op de voorgrond treedt. „Het gaat hem niet om de show. Hij relativeert zijn eigen invloed. Ik heb wel eens tegen hem gezegd: ’U bent toch wel een invloedrijke man’, waarop hij zei: ’Nou, dat moet je niet overschatten’.”

Wijffels geeft het instituut advies, vooral over hoe het zijn activiteiten het beste kan promoten. Ook maakt Van Praag dankbaar gebruik van het netwerk van Wijffels. „En hij draagt door zijn bekendheid bij aan onze geloofwaardigheid.”

Overigens is Wijffels niet de enige prominent die dit doet. Minister Pieter Winsemius, Paul Rosenmöller en Albert Heijn zitten ook in de raad van advies van The Edge.

Ook bij andere organisaties zijn – overigens vaak dezelfde – bekende namen te vinden. Zo is naast Wijffels ook Herman van Veen betrokken bij het Natuurcollege van Irene van Lippe-Biesterfeld, waarmee de prinses de relatie tussen mens, natuur en spiritualiteit wil verbeteren. En deze drie zijn allen weer verbonden aan de Club van Boedapest.

Dat is een informele denktank die een ’gemeenschappelijk bewustzijn’ wil creëren om zo de grote problemen waarin de wereld verkeert – met name op het gebied van milieu – op te lossen.

Mensen uit verschillende culturen en van diverse leeftijden moeten hiervoor met elkaar in contact komen. De club wil ’als bruggenbouwer spiritualiteit, wetenschap en kunst combineren’. De club, opgericht door de Hongaarse wetenschapsfilosoof Ervin Laszlo, die in 2004 kandidaat was voor de Nobelprijs, trekt ook internationaal bekende personen aan: onder meer de Braziliaanse schrijver Paulo Coelho, de dalai lama, primatologe Jane Goodall en Václav Havel doen mee.

Wijffels zit ook in de raad van advies van het internationale Center for Human Emergence (CHE).

„Wij willen laten zien dat spiritualiteit helemaal niet zweverig hoeft te zijn”, zegt medewerker Alain Volz.

Hoewel de website van het CHE spreekt over ’integrale theorie’ en ’de kern van evolutionaire verlichting’ benadrukt Volz dat ze met spiritualiteit iets concreets bedoelen. „Voor ons is het bewustzijn, zowel op individueel als op een hoger niveau. Onze samenleving verandert steeds en wij zoeken naar manieren om hier beter mee om te gaan.”

Bij het CHE zitten onder meer mensen uit het bedrijfsleven, leraren en mensen uit de agrarische sector. Ze organiseren thema-avonden en projecten en brengen mensen met dezelfde ideeën met elkaar in contact.

Zo organiseerde CHE samen met Wijffels in maart 2006 de manifestatie ’Klaar om te wenden’. Die was onderdeel van het afscheid van Wijffels bij de Sociaal-Economische Raad (Ser). Wijffels zelf, Laszlo en CHE-oprichter Don Beck gaven hun visie op de problemen waarmee de wereld geconfronteerd wordt en hoe deze opgelost kunnen worden.

En nu is het aan Wijffels om de kabinetsformatie in goede banen te leiden. Vooralsnog lijkt ’wegwezen van het Binnenhof’ daarbij zijn voornaamste truc te zijn. Hij laat zelfs de vergadertafel meereizen met zijn gezelschap. Een spirituele truc? Als het maar werkt.

mailIcon print |