De ontwikkelingen in onze rooms-katholieke kerkprovincie hebben een voorlopig dieptepunt bereikt.
Vrijwel onmiddellijk na Vaticanum II was al een restauratie ingezet. Nu volgt het schoonvegen van de Katholieke Theologische Universiteit te Utrecht. Is dit academisch instituut, waar de wetenschap aan de leiband loopt van het leergezag, deze naam nog waard? Moet zo’n universiteit wel rijkssubsidie krijgen?
Bisschop Eijk heeft de stofkam gehaald door de publicaties van de scherpzinnige en loyale moraaltheoloog Vosman, en hem, na een mistige procedure, een ’nihil obstat’ (geen bezwaar) geweigerd. Wie komt er voor hem in de plaats? Een ’lector’ vrees ik – iemand die slechts bestaande Vaticaanse documenten mag voorlezen. Maar hoed u ervoor ze te interpreteren of te becommentariëren! Voor je het weet sta je op straat en word je verbannen naar de dependance in Tilburg. Laat Vosman zich troosten met de gedachte dat de kerkleraar Thomas van Aquino, vóór hij werd heilig verklaard, eerst veroordeeld is geweest door een kortzichtige bisschop.
In de meeste parochies is het al niet veel beter. Er worden, eigenlijk al sinds de benoemingen van de bisschoppen Simonis en Gijsen, begin jaren 70, uitsluitend onkritische en Romegetrouwe priesters benoemd. Hoe jonger ze zijn, des te moeilijker is de dialoog. Men is er zelfs niet meer in geïnteresseerd.
Wonderlijk toch dat de rk kerk, die zich onder de vorige paus zo heeft ingezet voor de val van het communisme, nu zelf gevangen zit in zo’n totalitaire structuur. De waarheidspretentie is onvoorstelbaar, en gaat zo ver, dat andere kerken door de huidige paus Ratzinger in 2000 slechts ’kerkachtige gemeenschappen’ werden genoemd.
De oecumene – tot voor kort ver gevorderd – is inmiddels op een nulpunt aanbeland. Was het kort geleden nog mogelijk en gebruikelijk om als protestant en katholiek samen de dienst van de tafel te vieren, er lijkt nu geen groter taboe te zijn dan dat. De reden: het zou een valse uitdrukking zijn van, niet-bestaande, eenheid. Nee, maar daarom is ons nou juist de eucharistie gegeven: om, vol verwachting, vooruit te lopen op die eenheid, en er alvast in te oefenen.
Gelukkig is het niet de pastoor of de bisschop, maar de Heer zelf die ons aan Zijn tafel uitnodigt, ’opdat zij één zijn’ (Joh. 17,22), en niet: ’omdat zij één zijn’. Zelfs Ratzinger begreep dat toen hij bij de uitvaart van paus Johannes Paulus II, als eerste de communie uitreikte aan de protestantse Frère Roger van Taizé.
En ja hoor, daarnaast gaat het altijd en eeuwig over homoseksualiteit. Wat moet de ziekelijke preoccupatie met deze ’vondst van de Schepper’ (pater Van Kilsdonk) verbergen? Theo Beemer, leermeester van Vosman en van mijzelf, heeft begin jaren 80 aangetoond dat er een merkwaardige inconsistentie zit in het kerkelijk spreken over ethische kwesties. Als het over de sociale leer gaat, gaat men, terecht, uit van de ordening op een doel, zodat allerlei nieuwe inzichten en ontwikkelingen een rol kunnen en moeten spelen bij het spreken over sociale kwesties.
Maar zodra het over seksualiteit gaat, wordt de leer plotseling verankerd in de zogeheten natuurlijke zijnsorde. En dus is homoseksualiteit intrinsiek ongeordend, en heteroseksualiteit de eeuwige en onveranderlijke norm (’het deksel past op het potje’– dixit Simonis), en heeft men niks te maken met voortschrijdende inzichten op het gebied van psychologie en zelfs biologie, die homoseksualiteit steeds meer zijn gaan zien als een natuurlijke variant, waarvan de moraliteit slechts afhangt van hoe je er als mens mee omgaat.
Op het persoonlijke vlak heb ik, als katholieke theoloog, in 1981 een Berufsverbot gekregen onder de vorige bisschop van Groningen. Aanvankelijk leek hij welwillend: mijn parochie zou er niet aan toe zijn om een pastor (m.) te krijgen, die met een vriend woont. Maar toen de parochie, na het helaas te vroeg overlijden van haar fantastische pastoor, er wél aan toe bleek te zijn, was de bisschop er niet meer aan toe: hij voelde de hete adem van de Romeinse instanties in zijn nek.
Gelukkig heb ik ruim tien jaar geleden asiel gevonden in een democratisch ’filiaal’, de Nederlandse Hervormde Kerk (tegenwoordig PKN). Ik heb mij omwille van de evangelische opdracht tot eenheid, en het ideaal van de oecumene, nooit uit mijn katholieke parochie laten uitschrijven. Want ik ben en blijf lid van wat protestant én katholiek belijden als de ’éne, heilige, katholieke (=algemene) en apostolische kerk’, vestiging Winsum, zelfs als het hoofdkantoor mij er middels een anathema zou uitgooien.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.