Als je me zou vragen wat de plagen zijn die de Italiaanse publieke omroep dagelijks teisteren, zeg ik: de afstompende spelletjes en de vrouwenborsten in close-up. Bij de Nederlandse televisie kom ik tot drie kwellingen: cabaretiers, voetbalanalisten en politici. Drie categorieën toneelspelers die niet van het scherm zijn weg te slaan en de kijkers hun gelijk opdringen. Dingen waar je naar kijkt zonder te beseffen of je ze ziet. Een beetje zoals men naar de vrouwentongen op de vensterbank tuurt. Daarbij komt dat door het inflatoire karakter van hun herhaalde verschijningen hun niveau aanzienlijk is gedaald. Voor cabaretiers en balletjesdeskundigen heb ik nog begrip. Het zijn zelfverklaarde amuseurs die hun schoorsteen moeten laten roken. Maar hoe komt het dat Nederland ongeveer het enige westerse land is dat aan politici een permanente tribune op televisie afstaat? Het politieke debat is in Nederland traditioneel zwak en saai. Je hoeft alleen buitenlandse zenders aan te zetten om te zien dat Nederlandse politici welbespraaktheid ontberen. Maar Nederland is wel het land waar parlementaire debatten uren- en dagenlang worden uitgezonden. Waar een brigade tv-journalisten permanent in wandelgangen woont, om bij het verlaten van de Kamer politici te smeken of ze alsjeblieft willen herhalen wat ze zo juist al hebben gezegd. Later op de avond wordt vervolgens iedereen die uren in beeld is geweest weer bij actualiteitenprogramma’s uitgenodigd om commentaar over zichzelf te geven. Ik ben dol op politiek en begrijp heel goed dat het parlementaire gebeuren het hart van de democratie vormt. Maar het belang dat aan houten Klazen en oneliner-amateurs wordt toegekend is buiten proportie. En voor deze buitensporige middelmatigheid bestaat al een speciale digitale zender, Politiek 24, die freaks dag en nacht kunnen raadplegen. Geef ons eindelijk voedingssupplementen voor de geest en organiseer op de publieke zenders vitale debatten. Het liefst met schrijvers, journalisten, intellectuelen zonder partijdige achterban. Deze algemene beschouwingen waren zo voorspelbaar en bloedeloos dat je snel in slaap viel achter de bergen komma’s die door al die politieke ambtenaren werden gestrooid. Geen visie, alleen maar optellen, aftrekken en vermenigvuldigen. Wel leverde deze sessie twee gênante momenten op. Ik noem de belediging van de minister-president die door Gekke Geert voor ‘bangerik’ werd uitgemaakt. In de kogelvrije visie van Geert bestaat er geen enkele politicus meer met testikels zoals hij. Zijn collega’s zijn laf geboren en zullen laf sterven, hebben geen ruggengraat en doen het in hun broek. De gespierde taal van deze zelfbenoemde sterke man moet eens met een gespierd gebaar worden beantwoord. Eerwraak is hier op zijn plaats.
Het tweede gênante moment vormde minister Bos, his master’s voice. Zittend als een schooljongen naast de staande meester telde hij op zijn vingers de negen maatregelen mee die zijn premier opsomde. Een hele opluchting: Bos kan niet alleen mooi draaien maar ook tot negen tellen.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.