Verpleeg- en verzorgingshuizen, maar ook de jeugdzorg zullen al hun charmes en creativitei t moeten aanwenden om nieuw personeel te werven.
Winkelpersoneel, werksters en andere vrouwen die uitgekeken zijn op hun baan, daar moet de zorg gaan werven, als het aan Willem van der Windt ligt. Verpleeg- en verzorgingstehuizen en de jeugdzorg krijgen onvermijdelijk te maken met personeelstekorten, blijkt uit nieuw onderzoek van Prismant naar de arbeidsmarkt in de zorg en welzijn.
Van der Windt heeft daar met twee collega’s aan gewerkt in opdracht van het ministerie van VWS, de sociale partners en het CWI. In hun jaarlijkse studie proberen ze ook oplossingen aan te reiken. Een van hun aanbevelingen is om vooral ook te kijken naar mensen die van beroep willen wisselen. De groep herintreedsters, die na lange tijd weer buitenshuis wil werken, vlakt af, constateren ze. „Maar vrouwen die na jaren achter de kassa eens iets anders willen doen, zijn er wel. Daar is een slag te slaan”, vermoedt Van der Windt.
De onderzoeker, die al heel lang intensief de ontwikkelingen op de arbeidsmarkt volgt, put hoop uit de emancipatiemonitor van het Sociaal en Cultureel Planbureau (SCP). Vrouwen zeggen daarin het inhoudelijke van hun werk belangrijk te vinden, belangrijker dan het salaris waar mannen veel waarde aan hechten. „Mensen die de zorg in gaan, zullen er misschien financieel niet veel op vooruit gaan, maar het is betekenisvol en echt mensenwerk. Ik denk een goed alternatief voor degenen die uitgekeken zijn in hun huidige baan.” Als groot voordeel ziet Van der Windt dat de infrastructuur om deze vrouwen om te scholen er al is. Onder andere via regionale opleidingscentra kunnen ze opleidingen volgen en tegelijkertijd werken.
In de zorg en welzijn, waar meer dan een half miljoen verzorgenden, verpleegkundigen en sociaal-agogen (zoals maatschappelijk werkers) werken – voor het overgrote deel vrouwen (85 procent) – moet er volgens hem ook meer oog komen voor loopbaanontwikkeling en carrièrekansen. Onvoldoende loopbaanperspectieven en ontplooiingsmogelijkheden staan hoog op de lijst van vertrekredenen. „Werkgevers kunnen het aantrekkelijker maken en vertrek voorkomen door daar aandacht aan te besteden”, meent Van der Windt.
Uit het onderzoek komt naar voren dat helpenden en zorghulpen weinig binding hebben met hun vak en het verloop is doorgaans groter dan bij verzorgenden en verpleegkundigen die op een hoger niveau werken. Vooral als het economisch goed gaat in het land is de aantrekkingskracht van andere bedrijfstakken groot op deze hulpen. Het is Van der Windt opgevallen dat bij alle grote fusies die de afgelopen jaren tussen zorginstellingen zijn geweest, de positie van het personeel niet veel is verbeterd. „Je zou toch verwachten dat grotere organisaties systematisch meer mogelijkheden bieden voor werknemers om binnen het vak eens een andere weg in te slaan. Maar daar zie ik nog weinig voorbeelden van.” Personeelsbeleid blijft volgens hem aandacht vragen.
De onderzoeker hoopt ook dat meer allochtonen voor het werk te winnen zijn. Uit cijfers blijkt dat Turken en Marokkanen zowel onder het huidige personeel als in de opleidingen fors ondervertegenwoordigd zijn. „Toen er enkele jaren geleden ook tekorten waren, is er wel campagne gevoerd, maar dat is weggeëbd. We zouden moeten kijken wat de barrières zijn. Surinamers zijn meer dan evenredig vertegenwoordigd. Dat ligt misschien ook aan hun geschiedenis. Ze kwamen vaak naar Nederland om zich te scholen.” Ook bij de opleidingen is volgens hem winst te behalen. Voor het eerst zijn er cijfers over het mbo, de grootleverancier voor de sector. De verschillen in prestaties blijken groot. Het zou kunnen lonen om de redenen te achterhalen om het aantal leerlingen met diploma op te krikken.
In het onderzoek is een grote regionale verscheidenheid aan het licht gekomen. De meeste regio’s krijgen in meer of mindere mate te kampen met personeelstekorten. Maar de mogelijkheden om dit op te lossen zijn heel verschillend. Waar de een kan putten uit veel gericht opgeleide schoolverlaters, zal de ander het moeten zoeken onder werklozen. „Het begint steeds meer door te dringen dat we naar een regionale aanpak moeten, naar maatwerk om straks genoeg mensen te hebben om zorg en welzijn op peil te houden.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.