Beter Onderwijs Nederland (BON) wil niet alleen maar zeuren, zo bleek zaterdag tijdens de allereerste ledenvergadering. „Voordat je het weet zijn we de VOL, de Vereniging van Ontevreden Leerkrachten. Dat laten we niet gebeuren.”
„Dit komt nog een beetje amateuristisch over”, zegt filosoof en BON-voorzitter Ad Verbrugge na wat geharrewar over de begroting. Maar dat vergeven de leden van de kersverse vereniging hem grif, zo blijkt uit het royale applaus dat opstijgt uit een uitpuilende collegezaal van de Technische Universiteit Eindhoven. Wiskundedocent Gerard Verhoef grijpt het woord, om de BON-bestuursleden voor hun inzet te bedanken: „Dit betekent waanzinnig veel voor mij, professioneel en emotioneel. Dat klinkt dramatisch, en dat is het ook.”
Ze maken zich zorgen, de ruim vierhonderd leraren die hier bijeen zijn voor de allereerste BON-vergadering. Over het ’nieuwe leren’, waarin de nadruk ligt op vaardigheden en ’competenties’. Over de verschraling van de vakkennis bij hun leerlingen en studenten, die – zoals onlangs bleek – bijvoorbeeld nauwelijks meer kunnen spellen. En over de onderwijskundigen, politici en managers die het onderwijs hervormen zonder daarbij de docent te betrekken.
„Er zijn bijna geen contacturen meer, de leraar is gereduceerd tot procesbegeleider”, zegt een hbo-docente, die anoniem wil blijven uit angst voor repercussies op school. Wie het nieuwe leren bekritiseert, vindt volgens haar totaal geen gehoor bij het management: „Critici worden als groep genegeerd en als individu buiten spel gezet.” Meer BON-leden hebben die ervaring, blijkt. Bij het Meldpunt Intimidatie van de vereniging kwamen tot nog toe zo’n 200 klachten binnen.
Kritiek leveren mag en moet, zo houdt Verbrugge de docenten voor: „Maar we willen geen klaagvereniging zijn.”
Ventileerde de BON vorig jaar nog vooral haar ontevredenheid, in 2007 wil de vereniging ook een positieve bijdrage leveren aan het debat.
Daarom krijgt formateur Wijffels binnenkort een lijst met voorstellen voor het nieuwe kabinet, en werkt het bestuur aan de ontwikkeling van een BON-keurmerk voor scholen. Ook wil de vereniging, die nu nog vooral uit docenten in het voortgezet en hoger onderwijs bestaat, meer ouders, leerlingen en studenten werven. „We overwegen een gezinslidmaatschap”, grapt Verbrugge.
De BON wil dus niet alleen treuren over de teloorgang, maar ook meedenken over de verbetering van het onderwijs. Dat een beetje klagen intussen wél prettig is, blijkt uit de staande ovatie voor hogeschooldocent Wim Sterken. Die verwoordt zijn frustraties in het ironische ’Competentielied’, dat hij onder pianobegeleiding ten gehore brengt: „Lieve God, u moet me helpen, ik krijg ze niet meer gemotiveerd. En dan moet ik ze ook nog leren leren, dat heb ik zelf nog nooit geleerd.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.