*

 

Voor de verfijning moeten we de moslim z’n rammelaar afnemen Zonder persoonlijke God is vloeken hooguit je hart luchten

Door: redactie − 17/01/07, 00:00

God is dood. Allang. Zeggen ze. Neemt niet weg dat we stiekem blijven geloven. Want we kunnen niet anders. Daarom hebben we God herdoopt tot Mysterie. Tot Geheim. Tot Iets. Alleen de persoonlijke God, die lijkt dood te blijven. Aflevering 32: Nahed Selim.

’Een vloek beledigt God niet. Een mens is beledigd als iets bespot wordt waar hij of zij veel waarde aan hecht. God is te groot en te machtig om zich te laten beledigen. Het deert God ook nauwelijks als hij vervloekt wordt. Van iemand met zoveel liefde mag je toch wel begrip verwachten voor onze kleine fouten?’’

Vloekt u zelf?

„Nee, en zeker niet op de Nederlandse manier. Het heeft lang geduurd voordat ik begreep dat de Nederlandse vloek ’godverdomme’ een zelfverwensing is. Het is een omgekeerd gebed. Als zo’n gebed inderdaad je hart lucht, lijkt het mij een nogal masochistische opluchting.

In de islamitische cultuur, waarin ik ben opgegroeid, zegt men: ik verdom je vader, je moeder, je godsdienst. Het woord ’God’ neemt men niet snel in de mond in een negatieve zin. Deze terughoudendheid verklaart ook waarom kritiek op God, de profeet, de islam zulke heftige reacties uitlokt.”

U doelt op de Deense spotprenten.

„Of op de woorden van de paus, die overigens volkomen gelijk had met zijn kritiek op het geweld binnen de islam, zowel vroeger als nu. Die heftigheid illustreert hoeveel verering en liefde men voor God voelt. Maar ik begrijp de reacties niet, ik veroordeel ze. Word ik ermee geconfronteerd, dan denk ik: het zou goed voor de wereld zijn wanneer jullie een deel van je liefde voor God aan je medemens zouden schenken.”

De woede van moslims toont een te grote liefde voor God.

„Ja. En alles wat te veel van iets is, is te weinig van iets anders. Te veel liefde voor God, leidt tot te weinig liefde voor de medemens. Bovendien heeft God, die zelf een en al liefde is, zoveel liefde helemaal niet nodig. Eerder schuilt achter deze overdreven verering van God en de profeet misschien een gevoel van minderwaardigheid en het besef van eigen falen. De laatste paar eeuwen heeft de islam, in vergelijking met het Westen, niet veel groots in de wereld teweeg gebracht. Dat beseffen de moslims. Ze proberen dit te compenseren door veel respect te eisen van hun rivaal, het Westen.’’

„Deze stelling brengt ons op de Godsnaam. Ik zie geen heil in een persoonlijke God. Dat is een gepersonifieerde God, en bijna vanzelfsprekend een mannelijk persoon. Deze opvatting, gecombineerd met de uitspraak dat de mens naar Gods beeld is geschapen, leidt tot de bevoorrechting van de man, en de benadeling van de vrouw. Het beeld van de persoonlijke God is een belangrijke oorzaak van de onevenwichtige machtsverhouding tussen mannen en vrouwen in de wereld.’’

Nemen we toch ter compensatie een tijdje een vrouwelijk persoonlijk Godsbeeld?

„Feministen zouden dat misschien toejuichen, maar islamitische mannen zouden zeer beledigd zijn. Zij ruilen hun mannelijk godsbeeld nooit in voor een vrouwelijk.’’

Een onzijdig dan maar? Iets?

„Dat is geen alternatief, Iets is mij te gemakzuchtig. In het Oude Testament staat 2300 keer het Hebreeuwse woord ’Elohay’. De Arabische pendant daarvan is ’Elohia’, ’Godheid’. Dit is de eerste naam van God die je in de Bijbel aantreft. Hij heeft allerlei betekenissen: sterkte, macht, goddelijkheid. Zo’n term lijkt me een goed alternatief.

In de Koran staat ergens: ’Roep God aan met de schoonste woorden’. Het soefisme, de mystieke stroming binnen de islam waartoe ik me reken, heeft van deze uitspraak een traditie gemaakt: de 99 schone namen van Allah, waaronder kwalificaties als ’de wetende’, ’de barmhartige’, ’de Wijze’. Die traditie houdt in dat een mens probeert zoveel mogelijk de kwaliteiten van God, zoals wijsheid, barmhartigheid of kennis vergaren te imiteren om op God te lijken. Het zijn doelen die de soefi nastreeft in zijn leven. Door het vaak reciteren van deze schone namen wil men zich voortdurend herinneren wat zijn levensdoelen zijn op de weg naar perfectionisme. Een religieuze benaming voor perfectionisme is de vereniging met God.’’

Met ’de barmhartige’ of ’de wetende’ komt er toch weer een persoon in beeld.

„Daarom maak ik er liever een objectivering van, zoals ’de Barmhartigheid’. Er is nog een woord dat soefi’s graag gebruiken: Geliefde. Het mooie ervan is dat het een directe relatie met de eigen persoon legt.’’

Met jezelf?

„Ja. Ik denk dat God niets anders is dan het besef van je eigen diepste zelf. Mensen die God via meditatie zoeken, doen dat door stil te zijn, terug te keren tot zichzelf en zichzelf zo te leren kennen.

Volgens de soefi zetelt God in het centrum van de mens, in zijn spirituele hart. Een prachtige, heilige tekst luidt: ’Niets, behalve het hart van de mens is groot genoeg om mij te bevatten’.’’

Dat zou God gezegd hebben.

„De mens heeft vele kanten: een biologische, een rationele, een emotionele en een spirituele. Door onze nadruk op de rationele kant, lopen we het gevaar te vervreemden van onze andere kanten. Als we contact krijgen en houden met onze spirituele kern komen we dichter bij God.’’

Is het niet narcistisch je diepste zelf de Geliefde te noemen?

„Nee. Wie God Geliefde noemt, drukt zijn verbondenheid uit met alles wat leeft, met de hele schepping. Het geeft een goede basis om daaruit ook met de wereld bezig te zijn. De mens is niet voor niets naar Gods beeld geschapen: jij en ik hebben in aanleg een goddelijke kern. De verering van de menselijkheid van de mens die van God afstamt, heb ik liever dan een verwrongen, schuldbewust zelfbeeld.’’

U zegt ’Geliefde’ als u bidt.

„Ik bid niet. Ik mediteer.’’

Wat is het verschil?

„Het traditionele islamitische gebed verschilt enorm van mijn soefi-gebruiken. Voor mij moet een gebed in stilte plaatsvinden en naarbinnen gericht zijn. Het rituele, islamitische gebed is naarbuiten gericht, met uiterlijkheden als knielen, staan, hardop reciteren. De traditionele islam is een religiositeit geobsedeerd met uiterlijkheden. Het gebed is exhibitionistisch.’’

„Mee eens. Ik ben een kind van deze tijd. God die zich woordelijk openbaart via engel of profeet, daar kan ik niet in geloven. Misschien is Allah niet de schepper van de mens, maar omgekeerd. Maakt niets uit. God drukt een spirituele behoefte uit. Daarom is het goed dat we ons met het geloof bezighouden.’’

Waarom zouden we dan toch de persoonlijke God van het toneel moeten vegen?

„Vergelijk de uitdrukking en beleving van geloof met musiceren. Dat kan op verschillende instrumenten, in gradaties van verfijning. Wie zijn muzikale behoeftes botviert op een rammelaar, doet iets anders dan wie een sonate speelt op een viool. Desalniettemin zijn beide uitdrukking van een menselijk behoefte.

De verering van de persoonlijke God in de islamitische eredienst is een concert geven met een rammelaar. Al de rituelen en vaste dogma’s weerhouden de moslim ervan om op een verfijndere wijze zijn spirituele behoefte uit te drukken. Daarom zou het goed zijn de moslim zijn rammelaar te ontnemen.’’

mailIcon print |