*

 

Klagen bij de koffie helpt zorg niet verder

door Daniëlle Vollebregt − 11/01/07, 00:00

Efficiënter werken in de zorg is onvermijdelijk. Dat lukt als verpleegkundigen en managers durven om te veranderen en slimmer te werken.

In Trouw stond vorige week een artikel over twee gemotiveerde verpleegkundigen die uit het vak stappen omdat ze niet de gelegenheid krijgen díe kwaliteit te leveren die nodig is. Op de website www.trouw.nl heeft dit een stortvloed aan reacties losgemaakt. Logisch. Het is een heel herkenbaar probleem. Maar ook wonderbaarlijk dat blijkbaar nu pas de grens bereikt lijkt te zijn.

In het artikel wordt terecht de vraag gesteld of het mogelijk is nóg efficiënter te werken en met nóg minder mensen dezelfde zorg uit te voeren. Zorgverleners werken al keihard. Het is echter geen kwestie van mogelijk zijn of niet. We móeten wel. Er komen meer zorgvragers en het is maar de vraag of de zorg voldoende personeelsleden weet aan te trekken. Efficiënter werken is onvermijdelijk. Niet door nog harder te gaan rennen. Soms levert het stilstaan bij patiënten meer op dan maar hard door te rennen.

In het artikel wordt opgemerkt dat het in de zorg ook om ethische waarden gaat. Inderdaad: Ethiek vormt de basis van de zorg. Dus tijd kúnnen en wíllen maken om er te zijn voor zorgvragers. Op sommige momenten is psychosociale zorg belangrijker dan lichamelijke zorg. Bij ethiek gaat het om het maken van een afweging tussen de keuzen die je hebt. Gemotiveerd prioriteiten kunnen stellen. En een patiënt die het gevoel heeft dat naar hem geluisterd wordt, vraagt over het algemeen minder tijd.

Op de website van Trouw zeggen sommigen dat verpleegkundigen en verzorgenden geen slachtoffer zijn, maar medeverantwoordelijk. Er wordt bij de koffie veel geklaagd, maar weinig gedaan om problemen op te lossen. Dergelijke zorgverleners bestaan. Maar het grootste deel van de werknemers is wel strijdvaardig. Zij willen zich inzetten om de ziel terug in de zorg te brengen. Alleen weten ze vaak niet hoe. Of zien ze onvoldoende mogelijkheden.

Ook het middenkader is vaak betrokken genoeg bij de werkvloer om de ziel terug te willen brengen. Maar zij zijn vaak met handen en voeten gebonden aan het beleid van de directie. Ook directies hebben te maken met ethiek, alleen hun besluitvorming wordt bepaald door economische motieven. In de praktijk blijkt dit vaak niet eens slecht uit te pakken. Want concurrentie op kwaliteit is ook een vorm van marktwerking. Misschien wel de beste.

Maar hoe kun je ervoor zorgen dat we met z’n allen een toekomstbestendige zorg opbouwen waar kwaliteit wordt geleverd? Waar verpleegkundigen en verzorgenden trots op zijn? Het belangrijkste is aandacht hebben en houden voor de ziel in de zorg. Tijd nemen voor reflectie.

In de praktijk blijkt dat aandacht voor de dagelijkse ethiek bijdraagt aan het plezier waarmee mensen hun werk uitvoeren. En creatief werken aan knelpunten stimuleert.

Het tweede punt is het directieprobleem. Directieleden van een zorginstelling moeten minimaal ervaring hebben met werken op de werkvloer. Al is het maar door jaarlijks enkele weken ’stage’ te lopen. Hierdoor zien zij direct waar knelpunten liggen en komen ze in contact met werknemers, die vaak heel creatieve oplossingen kennen om deze knelpunten te lijf te gaan.

Laten zorgverleners aangeven hoe ze slimmer kunnen werken om ook in de toekomst de zorg van kwaliteit te voorzien. Soms zijn op korte termijn investeringen nodig om op lange termijn iets op te leveren. Het is voor directies een kwestie van uit handen durven geven en durven investeren. Voor zorgverleners is dit een kwestie van besluitvaardigheid en durven veranderen. Neem het heft in eigen handen! Zowel directies als verpleegkundigen en verzorgenden hebben volgens mij voldoende lef. Alleen moeten ze er zelf ook van overtuigd zijn.

mailIcon print |