’Als klein menneke’, het zijn repeterende woorden. Praten met Swinkels over veertig jaar Indoor Brabant voert terug naar de wortels.
’Als klein menneke’. Genoeglijk weidt hij uit over zijn jeugd, ponyclub De Paardenvriendjes in Best, de bok die hij niet kreeg, en moeiteloos slaat hij de brug naar het heden: ,,Er begint geen dag dat ik niet eerst naar mijn paarden en geiten ga.’’
Daardoorheen kronkelen Brabantse vezels, die de bakermat van zovelen in de hippische sport vastigheid geven. ,,Paardensport is typisch voor zandgrond; op klei kun je niet goed buiten rijden. Zo komt het.’’
Ooit wilde hij een bok. Hij kreeg hem niet. Een bok stinkt, zeiden ze thuis. ,,Toen kocht moeder voor mij een Shetland pony. Een jaar later kreeg ik er een karretje achter en reed ik als klein menneke helemaal tot Oss aan toe.’’ Wat, vanuit Best, best een hele afstand is.
Het paardenvirus hield vat op hem en Brabantse genen had hij al. Kan een voorzitter van Indoor Brabant beter geëquipeerd zijn?
,,Naast topsport is het concours Brabantse sport. Met Brabanders, voor Brabanders. Er wordt gevochten om een keer te mogen springen of dressuur rijden op Indoor Brabant, dat walhalla, gevochten om een bronzen stalplaquette die elke deelnemer krijgt. Dan kun je thuis wat laten zien: ik heb op Indoor Brabant gereden. Dan ben je wat, dan tel je mee, hoor.’’
Overal in Brabant zijn selectiewedstrijden, met aandacht in de regiopers. Lokale helden, heldjes en heldinnetjes strijden voor een plaatsje op het concours. Het is geen topsport, maar hun sport is top. ,,Die trots in hun ogen ... machtig is dat. En ik kan het me zo goed voorstellen.’’
Swinkels mijmert over eigen trots. In 1961 reikte bisschop Bekkers hem een prijs uit. ,,Er is een foto van, sta ik met mijn pony naast de bisschop. Als klein menneke.’’
Bekkers kwam uit een boerengezin in Sint-Oedenrode en reed zelf paard. ,,Hij was op en top een paardenman van Brabantse grond. Dat hij Indoor Brabant niet meer heeft meegemaakt is jammer; hij had zich er sterk mee verbonden gevoeld.’’
De huidige bisschop, representant van de geestelijke stand in het Brabantse, is vaste bezoeker.
,,We nodigden monseigneur Hurkmans vorig jaar uit. Gingen we hem uitleggen wat Indoor Brabant is, bleek dat hij hier al vijftien jaar kwam. Hij had al die jaren in het publiek gezeten.’’
Het Brabants karakter accentueert het evenement, hoe mondiaal inmiddels ook.
,,Het heeft ermee te maken dat Den Bosch Oeteldonk is. De Oeteldonkse carnavalsstijl is Brabantse cultuur, wij gaan daarin mee. Ook het kneuterige van de oude veehallen hoorde erbij. Het had iets dat je tijdens de wedstrijden koeienstront rook.’’
Paardensport, zegt Swinkels, bepaalt mede de cultuur van Brabant. ,,In het westen heb je ook maneges, met zo’n bakkie, waarin je rondjes kunt rijden’’, kleurt hij zijn woorden met licht dédain.
,,Hier kun je op iedere hoek van het land rijden. En dat gebeurt ook.’’ Die laatste woorden onthullen trots, Brabantse trots.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.