*

 

Taalgebruik van theorie-examen is een raadsel voor kandidaten

Diane Romashuk − 17/03/07, 00:00

rijswijk – Het taalgebruik in theorie-examens van het Centraal Bureau Rijvaardigheidsbewijzen (CBR) is zo ingewikkeld, dat kandidaten daardoor zakken.

Vanwege dat ingewikkelde taalgebruik zakt op jaarbasis minimaal 20 en maximaal 60 procent van de kandidaten. Dat beweert uitgever van leermiddelen voor verkeersexamens Veka Best. In een kort geding eiste het bedrijf gisteren dat het CBR óf binnen drie maanden de vragen aanpast óf dat alle examens worden stopgezet.

In 2003 werden Europese richtlijnen voor theorie-examens van kracht. Dit was voor het CBR reden de vragen aan te passen. Voor Theo Vuijk van verkeersschool Fly-Over in Den Haag was dat het omslagmoment. „Voor bromfietsexamens hadden we altijd een slagingspercentage van 80 procent, 20 procent zakte. Ineens was dat andersom.”

Overal waar hij verhaal ging halen werd met de vinger naar leerling of leerstof gewezen. Maar daardoor veranderde er niets voor de groep gefrustreerde jongeren waar hij mee zat.

Veka Best schakelde op de klaagzang van Vuijk het taaladviesbedrijf Bureau Taal in om de CBR-examens te onderzoeken. Het gemiddelde taalniveau bleek C1 te zijn, ofwel het op een na hoogste niveau. „De wet verplicht je om op niveau B1 te examineren. Mede hierdoor heeft de kandidaat gemiddeld 2,2 keer nodig om te slagen”, aldus directeur Peter Kantelberg.

Het CBR is het niet eens met de beweringen van Veka Best. „Bureau Taal erkent dat ze getoetst hebben op het niveau van de gemiddelde Nederlander en niet op dat van een voorbereide kandidaat. Logisch dat de tekst dan niet begrepen wordt,” zegt woordvoerder Hans Fontijn. Uit eigen onderzoek bleek dat 60 procent van de gezakte kandidaten zich gewoon onvoldoende had voorbereid. „Vaak staan ze direct weer aan de balie voor een herexamen, het liefst nog dezelfde dag.”

De uitspraak volgt 2 april.

mailIcon print |