Stel je toch eens voor dat er nog erfgenamen van William Shakespeare op de globe zouden rondlopen. De erven Shakespeare, zogezegd. Onduidelijke lui die testamentair gemachtigd zouden zijn om toezicht te houden op het rijk erfgoed van hun roemruchte voorvader.
Dat zou kunnen betekenen dat als iemand in – ik noem maar een dwarsstraat – ürhus op het idee zou komen om een speciale versie van ’Hamlet’ te gaan doen, hij dan eerst zijn project zou moeten voorleggen aan de erven. En die zouden dan vervolgens, als hen de ideeën niet aanstaan, hun veto kunnen uitspreken over het plaatsvinden van die theatergebeurtenis.
Gelukkig zijn die tegenstribbelende Shakespeare-erven er niet, want we zouden heel wat spraakmakende, vernieuwende en tegendraadse Shakespeare-voorstellingen hebben moeten missen.
Vreemde vooronderstelling? Nou, zo ondenkbaar is het niet. Sterker nog: er zijn erven van andere beroemdheden die wel degelijk voorstellingen kunnen tegenhouden. Toevallig waren daar de afgelopen weken een paar voorbeelden van in het nieuws. Zo bepaalden de rechtenhouders van de musical ’West Side Story’ van Leonard Bernstein onlangs dat voor een productie in België een van de rivaliserende bendes in de musical niet veranderd mocht worden in een groep Marokkaanse jongeren.
Bernstein baseerde zijn musical op Shakespeare’s ’Romeo en Julia’. Voor ’West Side Story’ veranderde hij hun namen in Tony en Maria, maar in België mag Maria nu niet Aisha heten. Daar waar Bernstein bij gebrek aan erven Shakespeare zijn gang kon gaan, botste men in België op de erven Bernstein.
De muziektheatervoorstelling ’Mahagonny’ van Theaterhuis Alba mag in september niet op tournee, omdat de erven van Bertolt Brecht en Kurt Weill een stokje staken voor de versie die Alba wilde doen. Er zijn meer voorbeelden. Regisseurs met een missie kunnen beter afblijven van Gershwins ’Porgy and Bess’. Elke vernieuwing, elk idee dat maar enigszins af dreigt te wijken van wat de gebroeders Gershwin voor ogen stond, wordt door de erven tegenhouden.
Een en ander moet wel contractueel dichtgetimmerd zijn, anders hebben de erven het nakijken. Cosima Wagner kon bijvoorbeeld niet tegenhouden dat haar mans opera ’Parsifal’ tegen de wil van de meester Bayreuth verliet en componist Ligeti kon zelfs bij leven niet voorkomen dat regisseur Peter Sellars met zijn ’Le grand macabre’ aan de haal ging. Er zijn ook erven die welwillender zijn. De nazaten van Prokofjev hebben erin toegestemd om van ’Peter en de wolf’ een avondvullende voorstelling te maken, door er een voorgeschiedenis aan vast te plakken . Vanaf 21 september te zien in Theater Carré.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.