De Amersfoorter Wesam al D. werd eerder deze week de eerste verdachte die in de VS is aangeklaagd voor betrokkenheid bij aanslagen op Amerikaanse militairen in Irak. Is Al D. een extremist of gewoon een ex-dameskapper die te graag de blits maakte?
De Irakese Nederlander verscheen afgelopen maandag voor het eerst voor een rechter in Amerika. Hij onderhield zich in gebroken Engels met zijn advocaten. Hij knikte ten teken dat hij begreep dat hem betrokkenheid bij aanslagen en bezit van explosieven ten laste was gelegd en zei ’niet schuldig’ te zijn.
De rechtbank in kwestie bevond zich in de hoofdstad Washington. Het was een gewoon civiel hof. Geen speciaal voor terreurverdachten opgezet militair hof op Guantánamo Bay, waar verdachten minder rechten hebben, zoals Wesams verdediging vreesde. Dat had Nederland met de Amerikanen afgesproken.
Op eis van Den Haag kan Wesam, als hij schuldig bevonden wordt, hooguit levenslang krijgen en niet de doodstraf. Een celstraf mag hij in Nederland uitzitten. Toen die garanties vastlagen, had Nederland geen bezwaar tegen uitlevering aan de VS. Afgelopen zaterdag werd Wesam overgedragen.
Hoe heeft het zo ver kunnen komen met de 33-jarige man, die in 1990 op de vlucht voor het regime van dictator Saddam Hoessein naar Nederland kwam, mocht blijven en in 2001 de Nederlandse nationaliteit kreeg? Jarenlang leek hij domweg gelukkig in Amersfoort waar hij als dameskapper werkte. „Een drukke grappenmaker, die altijd op tijd was”, herinnerde zijn oude bazin zich.
Hij leek helemaal geïntegreerd, had alleen Nederlandse vriendinnetjes, hield van uitgaan en drinken, droeg sexy kleren en was erg met zijn uiterlijk bezig. Deze ’blitskikker’ won in 2003 tijdens een tv-show van Carlo Boszhard een reis naar Mexico. „Hij is niet zo met de Islam bezig. Hij maakte pornofilms met zijn Nederlandse vriendin”, typeerde een vriend Wesams leven.
Toch was ten tijde van Cash & Carlo de omslag in zijn leven al gaande. Wesam maakte zich steeds bozer over het Amerikaanse optreden in Irak en vooral in zijn geboorteplaats Falloedja. Hij zat huilend voor tv, de Amerikanen verwensend.
Voorjaar 2003 zou hij zichzelf bij een anti-oorlogsmars in Amsterdam in brand hebben gestoken. „Het kan me niet schelen of ik sterf of niet. Ik wil mezelf opofferen voor mijn land”, zei hij, half in het verband, tegen een tv-ploeg. Vrienden noemen dat tv-optreden nu ’een grapje’. Iemand anders stak een Amerikaanse vlag in brand. Die raakte hem.
Hoe dan ook, zijn rechterhand raakte zo verbrand dat hij niet meer kon knippen. Hij werd afgekeurd en kluste bij in de garage van een Irakese vriend. Als hij tenminste niet op een van zijn lange reizen naar Irak was.
Volgens Justitie sloot hij zich daar aan bij ’de strijders van Falloedja’. Op een video die in Wesams woning gevonden werd, is hij met zes andere mannen te zien. Hij legt daarin uit wat zij tegen een komende Amerikaanse aanval hebben gedaan. „Wij hebben mijnen op tijd ingesteld en kunnen ze met een afstandbediening tot ontploffing brengen.”
Later is een explosief in de berm van een weg te zien dat een Amerikaanse pantserwagen moet opblazen. „Als God wil dat het ontploft en als er dan overlevenden overblijven, dan kunnen wij die aanvallen”, merkt Wesam op.
Die beweert alleen naar Falloedja te zijn gekomen om Zina, een lerares Engels, te huwen. Terwijl hij daar was ontvoerden en mishandelden de strijders hem toen hij als ’een soort journalist’ opnames probeerde te maken om Nederland te kunnen vertellen wat er in Irak echt gebeurt. Zij dwongen hem hún verhaal te vertellen.
Later zouden die strijders een broer via een bomaanslag voor diens kapperszaak in Irak hebben vermoord. Een andere broer zou daarbij zwaargewond zijn geraakt. Om te voorkomen dat Wesam praat, aldus zijn verdediging.
Justitie in Nederland stelt dat de ex-kapper ook later met het verzet samenwerkte en in Syrië wapens kocht. Taps van zijn telefoon zouden bewijzen hoe fanatiek hij is. Hij raadde een vriend in Irak aan, die een vrouw kent die met Amerikanen omgaat: „Slacht haar af.” Hij vraagt namen van nieuwe politieagenten op. „Dan kan ik ze later te grazen nemen.”
Wesam zelf maakte op een rechtzitting in Nederland waarin hij zijn uitzetting aanvocht geen geheim van zijn anti-amerikanisme. „Amerikanen verkrachtten ons volk. Wij zijn juist het slachtoffer en toch willen ze me veroordelen.” Terrorist was hij niet. Hij mag nu in Amerika zelf bewijzen dat zijn haat hem nooit tot terreur dreef.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.