*

 

ADHD verplicht

Door: redactie − 02/01/07, 00:00

De tv was net zo volgepropt als de buik van de kijker

Als de televisie het hele nieuwe jaar door net zoveel aanbod over ons uitstort als de dagen tussen kerst en oud en nieuw, dan staat ons nog wat te wachten. Je snapt niet dat er nog zo dikwijls wordt geroepen ’dat we wel veertig zenders hebben, maar dat er niks op te beleven is’. Terwijl het probleem net andersom ligt: er is veel te véél te beleven op al die zenders.

Goed, verhoudingsgewijs is het aandeel ’rommel’ buitenproportioneel, maar tussen de rommel door is altijd wel iets te vinden dat je nog kunt gebruiken. En soms heeft rommel ook zo zijn charme. Wel valt op dat de categorie bagger vrijwel altijd bij de commerciële zenders moet worden gezocht. Kennelijk staan geld verdienen en schitterende programma’s maken nog altijd mijlenver van elkaar af. Er moet toch iets te bedenken zijn waarbij de kassa hand in hand gaat met de kwaliteitsthermometer. Een mooi voornemen voor producenten en andere creatievelingen.

Het is trouwens nog knap lastig om er met jezelf uit te komen of zo’n groot en gevarieerd tv-aanbod nu prettig is of hinderlijk. Normaal gesproken zou ik zeggen: prima, al die smaken. Zo zit er altijd wel iets tussen. Maar rond de jaarwisseling was het allemaal wel erg overweldigend. Dat gaf het gevoel in zo’n megasupermarkt rond te lopen zonder boodschappenlijstje. En dan maar zien of je met een uitgebalanceerde maaltijd thuiskomt. Sportjaaroverzicht, nieuwsjaaroverzicht, Top 2000, het beste van zus het beste van zo, cabaretiers hier, cabaretiers daar en een aanbod van speelfilms die de videotheek op de hoek niet in huis heeft. Allemaal gepropt in een paar dagen televisie. En allemaal omdat we kennelijk de collectieve behoefte hebben om alles nog een keer op een rijtje te zetten. Wij raakten met de hele familie eerder van slag van al die lijstjes hoogtepunten en dieptepunten, dan dat er innerlijk orde op zaken werd gesteld zo vlak voor 2007.

De huidige generatie cabaretiers is er niet een die met dat duiden een beetje meehelpt. Ook al worden daar verwoede maar meestal chaotische pogingen toe gedaan. Javier Guzman, Theo Maassen, Lebbis en Jansen; een spervuur van gedachtespinsels komt op je af. Maar met name bij dat laatste duo beklijft het gebodene alleen als je zelf ook ADHD hebt. De aanname dat snelheid hetzelfde is als klasse moet maar eens worden losgelaten. Er zitten goeie grappen bij, maar die verhinderen niet de perceptie van een hoop kouwe drukte. En geschokt zijn we – als het daar om te doen is – heus niet meer zo snel. Al kan ik me voorstellen dat het niet voor iedereen een feest is als Theo Maassen én Madonna op dezelfde avond aan de haal gaan met het kruis van Jezus Christus.

Dat neemt niet weg dat Theo Maassen van alle cabaretiers die de afgelopen dagen voorbij kwamen, met afstand de beste is. Het is even over de drempel van seks, poep en pies heen stappen, maar dan verschijnt ook een uitstekend voordrachtskunstenaar. Met een antenne voor timing en de zaal aan een touwtje.

Toch pleit ik er voor dat de oudejaarsconference volgend jaar wordt gedaan door Kees Prins (die we met kerst weer even in de gedaante van ultiem flauwe grappenmaker zagen in ’Jiskefet’).

Prins zegt als conferencier – een mengeling van Toon Hermans en laten we zeggen Herman Berkien – na bijna elke zin op melige toon: „Ja, mensen, het is allemaal maar gekkigheid.”

Daarmee komt hij qua duiding nog een heel eind. En lachen is het zeker.

mailIcon print |