Onlangs heb ik iets persoonlijk ingrijpends meegemaakt. Een aantal collega’s heb ik verteld wat er aan de hand is. Ik werk op een afdeling met acht collega’s. Een paar van hen zijn evangelisch-christelijk en bestoken mij nu met goedbedoelde maar slechtvallende adviezen. Volgens hen moet ik mijn probleem en de heftige gevoelens loslaten en aan de Heer overlaten. Ze bidden voor mij en hebben zelfs voor mij een evangelisch lied gezongen op het werk. Hun ongetwijfeld goed bedoelde adviezen ervaar ik als het wegwuiven van mijn probleem en het niet serieus nemen van mijn gevoelens. Hoe maak ik hen duidelijk dat ik hun meeleven op prijs stel, maar dat de manier waarop mij vreselijk tegen de borst stuit?
Pastorale collega’s
Ik kan het niet genoeg benadrukken: kijk uit met het bespreken van persoonlijke problemen op het werk! Doe dit zo min mogelijk. Niet collega’s, maar vrienden en vriendinnen zijn degenen met wie u uw persoonlijke leven moet doornemen. Collega’s zijn aardig (als u geluk hebt), u kunt met hen lachen (soms) en u kunt met hen goed samenwerken (dat is het belangrijkste), maar het zijn zelden of nooit uw intieme vrienden.
Uw vrienden kennen u. Zij zouden u nooit bestoken met goedbedoelde adviezen over de Heer en ze zouden zeker niet hardop evangelische liederen voor u gaan zingen. Uw vrienden zouden naar u luisteren en dingen zeggen waardoor u getroost of misschien wel een beetje geholpen wordt.
Dat kunt u allemaal niet van collega’s verwachten. Dus wat krijg je dan? Ze gaan u helpen en troosten op de manier waarvan zij denken dat het goed is. Er valt hen niets te verwijten. U hebt er zelf om gevraagd! Vertel hen, als ze weer aanstalten maken in gezang uit te barsten, dat u het vreselijk aardig vindt, maar dat het niet meer hoeft omdat u zich stukken beter voelt (ook al is dat niet waar) en dat u vindt dat iedereen maar beter weer hard aan het werk kan gaan. Neem u vervolgens voor om uw privéleven privé te houden en u op het werk te bepalen tot uw werk.
Ik werk al een aantal jaren met veel plezier in mijn huidige baan, tweeënhalve dag per week; in de andere helft studeer ik. Ik heb leuke collega’s, een goed salaris en een sympathieke, sociale bazin. Dat sociale heeft ook z’n nadelen: twee à drie keer per jaar organiseert zij activiteiten voor alle collega’s om het team te versterken en elkaar beter te leren kennen. Ik vind dat een beetje tijdverspilling (één keer per jaar lijkt me voldoende), maar goed. Nu heeft zij het plan ontvouwd om begin volgend jaar met alle collega’s een weekendje weg te gaan. Omdat ik maar halve dagen werk, zie ik daar tegen op. Ik vind mijn collega’s erg aardig, maar ik heb er geen behoefte aan in mijn vrije tijd intensief met hen om te gaan. Hoe vertel ik mijn chef dat ik totaal geen zin heb om mee te doen – bij voorkeur zonder mijn baan in gevaar te brengen?
Verplicht sociaal
Een werkgever hoort geen weekends of vakantiedagen van de werknemers te claimen. Of die werknemers een volledig dienstverband hebben of in deeltijd werken, maakt geen verschil. Teambuildingactiviteiten vinden onder werktijd plaats, met hooguit een uitloop naar de avond in de vorm van een gezamenlijk etentje of een borrel. Een heel weekend gaat te ver.
Bespreek het met uw collega’s. Waarschijnlijk loopt niemand over van enthousiasme. Tenslotte brengen de meeste mensen hun vrije tijd liever door met hun familie of vrienden dan met hun collega’s. Laat vervolgens een afgevaardigde het bespreken met de chef en zeggen dat het personeel het niet zo’n goed idee vindt. Als iedereen het wél fantastisch vindt, en u dus alleen staat, moet u uw bedenkingen met de chef bespreken. U zult toch niet worden ontslagen om het geven van uw mening? Zo extreem is uw standpunt trouwens niet. Als uw chef zo sympathiek is, zal ze toch ten minste rustig naar u luisteren? Wie weet ziet ze zelfs wel de redelijkheid in van uw bezwaren.
Op mijn afdeling werk ik (vrouw van 29) samen met onder anderen twee mannelijke collega’s die ongeveer dertig jaar ouder zijn dan ik. Het afgelopen jaar ging dat heel plezierig en ik ben op allebei zeer gesteld. We gaan zelfs af en toe samen uit eten. En we zijn alle drie zonder partner. Maar de laatste tijd worden ze wel erg amicaal. Ze slaan een arm om mijn schouder op een manier die ik net niet leuk vind en ze maken dubbelzinnige opmerkingen. Omdat ik hen allebei aardig vind en ze dezelfde leeftijd hebben als mijn vader, vind ik het moeilijk om er wat van te zeggen, maar het zit me niet lekker. Hoe voorkom ik dat de plezierige werksfeer verpest wordt voor ons allemaal?
Collega’s komen te ichtbij
U moet wat meer afstand inbouwen. Prettig omgaan met collega’s is één ding, maar het is niet raadzaam om uw vrije tijd met hen door te brengen. Zeker niet als ze zo oud zijn als uw vader. Voor een vrouw van nog geen 30 lijkt dat een wat armoedige vrijetijdsbesteding. Houd op met die gezamenlijke etentjes en zoek andere vrienden/vriendinnen om mee uit te gaan, bij voorkeur leeftijdgenoten.
Aanrakingen en dubbelzinnigheden horen niet op het werk plaats te vinden. Dat is gedrag voor in het café. Op het werk kunnen mensen toch echt beter sekseneutraal met elkaar omgaan. Onder vrienden kan men elkaar aanraken (hoewel ook niet iedereen daar dol op is) en dubbelzinnige grappen maken, omdat vrienden doorgaans elkaars gevoel voor humor delen. Maar op het werk kan er zomaar iemand worden gekwetst of beledigd.
Wees duidelijk in het afbakenen van uw grenzen, zowel in fysiek als in geestelijk opzicht. Daar zijn zowel uw collega’s als uzelf mee gebaat. Zeg dus vriendelijk: „Ik wil liever niet dat je een arm om mijn schouder legt.” En: „Sorry, ik vind dat niet zo grappig, zullen we weer aan het werk gaan?”, of woorden van gelijke strekking. Duw de omgang met deze twee kordaat terug naar een zakelijke bedding. Mensen hoeven niet als koude kikkers op het werk rond te lopen, maar in de brede grenszone tussen al te formeel en al te intiem, is het aan de vriendelijk-zakelijke kant beduidend prettiger en rustiger toeven. Leun dus die richting op.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.