*

 

’Ach, enkele glaasjes wijn zijn goed voor je’. Het is een foute boodschap.

door Kees de Vré − 02/02/07, 00:00

Alcohol komt steeds positiever in het nieuws. Een paar glaasjes alcohol zijn goed voor een mens, stelt de wetenschap met groeiende regelmaat en de media vergroten het uit. Een beetje drank zou hart- en vaatziekten, maar ook diabetes en zelfs dementie kunnen voorkomen of in ieder geval vertragen.

Kankerepidemioloog dr. Ellen Kampman wordt bedroefd van deze goednieuwsshow. ,,Ik maak me grote zorgen over die aanzwellende hoeveelheid onderzoeken die vooral zeggen dat alcohol goed is voor een mens. Er wordt een bepaald klimaat mee geschapen. Mensen beschouwen het als een vrijbrief om te drinken. Ik zie het ook in mijn eigen omgeving. ’Ach, een paar glaasjes wijn. Het is toch goed voor je’, hoor ik steeds vaker. Het is een foute boodschap. Alcohol kan ook gevaarlijk zijn.’’

Kampman, verbonden aan de Universiteit Wageningen, doet al vele jaren onderzoek naar de relatie tussen voeding, leefstijl en het ontstaan van kanker. ,,Het gebruik van alcohol geeft een verhoogd risico op mond- en keelkanker, slokdarm- en maagkanker, darmkanker en borstkanker. Kanker is de tweede doodsoorzaak in Nederland. 25 Procent van de Nederlanders die jaarlijks overlijden gaat uiteindelijk dood aan kanker. Van die 25 procent is weer een vijfde alcohol gerelateerd. Roken krijgt al de aandacht, maar alcohol is eveneens zeer schadelijk. Die kant mis ik bij al dat positieve nieuws.’’

De eenzijdige boodschap dat alcohol goed is voor de menselijke gezondheid heeft de Britse regering er al toe gebracht haar onderdanen aan te raden dagelijks toch een glaasje te gebruiken. Ook de Britten die nu niet drinken, zouden moeten overgaan op het dagelijks nuttigen van een glas alcohol. De Nederlandse Gezondheidsraad wil zo ver niet gaan. Onlangs bracht de raad de nieuwe Richtlijnen Goede Voeding naar buiten.

Kampman was lid van de commissie die die richtlijnen opstelde. ,,Wie niet drinkt kan dat beter zo houden. Dat is het beste. Maar we willen mensen niet aan de blauwe knoop brengen. Wie wel drinkt, doet er goed aan dat te beperken: twee glazen per dag voor mannen en een glas voor vrouwen.’’

Kampmans grootste zorg is het toenemende drankgebruik onder jongeren en dan met name meisjes. ,,Vooral meisjes gaan steeds meer drinken en ook op steeds jongere leeftijd. Alcohol vergroot de kans op borstkanker. Dat risico groeit sterk naarmate vrouwen meer drinken maar ook naarmate ze steeds vroeger gaan drinken. Bij meisjes in hun puberteit gaan de borsten groeien. Dat groeiende borstweefsel is kwetsbaar voor invloeden van buitenaf, waaronder alcohol. Eenmaal beschadigd kunnen die groeiende, gezonde cellen gemakkelijk veranderen in kankercellen. Ouders en andere opvoeders zouden er veel meer bovenop moeten zitten.’’

Toch wil Kampman de positieve invloed van alcohol op de menselijke gezondheid, zoals de groeiende stroom onderzoeken uitwijst, niet wegvlakken. „Je zou kunnen stellen dat drinken onder de 40 gevaarlijk is. Daarna neemt het risico op met name hart- en vaatziekten fors toe. Dan is het zoeken naar een balans tussen de positieve en negatieve gezondheidsaspecten van het gebruik van alcohol. In de VS is 40 jaar bij mannen en 45 jaar bij vrouwen de leeftijd waarbij door de gezondheidsautoriteiten wordt gezegd: drink een glas alcohol per dag. Zoiets moet natuurlijk altijd een verstandige afweging zijn. Je zou eens kunnen nagaan of in jouw familie er relatief velen overlijden aan hart- en vaatziekten. Is dat het geval, dan loop jij mogelijk een verhoogd risico. Dan is het nuttigen van een glas alcohol wellicht verstandiger dan wanneer er veel kanker zou voorkomen. Maar dat is nog niet bewezen.’’

Die goednieuwsshow rondom alcohol kan worden toegeschreven aan de eenzijdige aandacht van de media ervoor, maar ook de wetenschappers zelf moeten kritisch blijven . Recent Amerikaans onderzoek wijst erop dat vooral studies die door het bedrijfsleven worden betaald, juichverhalen opleveren. Het zijn dikwijls onderzoeken die zich toeleggen op één gezondheidsaspect van een product, zoals alcohol of zuivel en de invloed daarvan op het hart respectievelijk de botten. Wanneer dan een gunstig effect wordt gevonden, moet daarbij wel worden gewezen op de mogelijke nadelige effecten die dit product heeft op een andere plek in het lichaam.

Kampman kan zich wel vinden in de kritiek op die deelonderzoeken. ,,Daar ben ik het helemaal mee eens. Je moet nooit afgaan op een gunstig resultaat op één lichaamsfunctie. De invloed van voeding op het lichaam is hiervoor te complex.’’ En wat de invloed van de betrokken industrie betreft, zegt Kampman: ,,Dat kan ik mij voorstellen. Natuurlijk is het zo dat onderzoekers steeds meer afhankelijk worden van financiering door derden – bedrijven meestal. Dikwijls wordt echter een contract opgemaakt waarbij elke conclusie, ook de niet welgevallige, naar buiten gebracht mogen worden. Anderzijds is het ook zo dat onderzoeken in de pers eenzijdige aandacht krijgen. Dat kun je misschien voorkomen door zowel de wetenschappers als de journalisten op te voeden in het overbrengen van de juiste boodschap. Ik realiseer me dat zoiets wel lastig is, ja.’’

mailIcon print |