*

 

Kwijnend bestaan nummer 1082

Van onze sportredactie − 01/02/07, 00:00

In Vina del Mar zijn alle ogen gericht op Fernando Gonzalez, de Chileen die vorige week in Melbourne de finale van de Australian Open haalde. Niemand heeft oog voor de rentree van Gustavo Kuerten.

Met weemoed aanschouwde de inmiddels 30-jarige Braziliaan hoe Gonzalez door zijn landgenoten in Vina del Mar als een nationale held werd binnengehaald. Zijn gedachten gingen terug 1997, toen hij als kampioen van Roland Garros in zijn woonplaats Florianapolis ook een heldenontvangst kreeg. Inmiddels is de kleurrijke sportman, die ook in 2000 en 2001 de Roland Garrostitel veroverde, afgegleden naar de kelder van het mondiale tennis. Op de 1082ste plaats van de wereldranglijst, welteverstaan.

Kuerten kampt al jaren met een chronische heupblessure. Hij liet zich tweemaal opereren aan het haperende gewricht, in februari 2002 en in september 2004. Na een lange revalidatie probeerde Kuerten de draad van zijn tennisloopbaan weer op te pikken. Vooralsnog zonder veel succes. In 2005 en 2006 speelde hij in totaal slechts achttien partijen. In september 2005 boekte 'Guga' zijn laatste overwinning, tegen de Uruguyaan Felder in de Davis Cup.

Kuerten blijft het vooralsnog proberen, ondanks alle fysieke tegenslagen en sportieve nederlagen. Vorige week ging hij onderuit in de eerste ronde van een Challenger in Santiago en ook zijn optreden in zijn eerste ATP-toernooi na bijna een jaar begon niet hoopvol. Kuerten verloor in Vina del Mar zijn beide groepswedstrijden. Maar van opgeven wil hij niet weten. Onlangs herenigde hij zich met Larri Pasos, de coach met wie hij vijftien jaar had gewerkt en die hij in 2005 aan de kant zette.

Een treurige lijdensweg voor de Zuid-Amerikaan, die tien jaar terug op Roland Garros de harten stal van alle Franse tennisliefhebbers. Niemand misgunde de onbekende maar zeker niet onbeminde Braziliaan zijn eerste grandslamtitel. Zijn hartstochtelijke manier van spelen, zijn weelderige haardos, zijn aanstekelijke lach en zijn ontwapenende gedrag buiten de baan – iedereen hield van Kuerten. De liefde was wederzijds. Na zijn derde winst in Parijs ging hij liggen in het levensgrote hart dat hij met zijn racket in het Parijse gravel had getekend.

Kuerten vormde destijds een verademing tussen de zakelijke tennisprofs die zonder vorm van uiterlijke bewogenheid hun vak uitoefenden. Hij was een genot om naar de kijken, met zijn olijke mimiek en zijn fantastische backhand. En hij had vaak de lachers op zijn hand, als hij na de partij weer een gloedvol betoog hield over de rol van zijn oma. Hij vertelde ook sombere verhalen. Zoals over zijn vader Aldo, die in 1985 als umpire van een juniorenpartij overleed aan een hartaanval. Of over zijn meervoudig gehandicapte broer Guilherme, aan wie hij al zijn bekers schonk.

De kans lijkt klein dat Kuerten ooit weer zal terugkeren in de mondiale top. Hij is al dertig jaar en de concurrentie in het mannentennis is moordend. Kuerten – en zijn fans – zullen het moeten doen met de zoete herinneringen uit het verleden. In de statistieken leeft hij nog wel voort. Met Moya, Safin, Hewitt, Ferrero en Roddick is hij nog een van de zes actieve ex-nummers één van de wereld. Van dat zestal is Kuerten de enige die een positieve onderlinge score (2-1) heeft met Federer, Koning Tennis. In 2004 won Kuerten op Roland Garros in de derde ronde van de Zwitser. Het was voor Federer de laatste keer dat hij in een grandslamtoernooi al voor de halve finales werd uitgeschakeld. En de laatste keer dat Kuerten zich liet zien op het hoogste niveau.

mailIcon print |