Nieuwkomers in Lettele (Overijssel) staan tijdens straatfeesten dikwijls achter de tap. Zo leren ze snel andere dorpsbewoners kennen. Natuurlijk hoeft dat niet, zegt Erwin Kleine Koerkamp. „Sommigen duiken er in, anderen houden zich afzijdig. Dat mag. Ook sommige rasechte Lettelers bemoeien zich nergens mee. En een beetje import is goed voor het dorp. Maar als ze dan gaan klagen, ondervinden ze wel weerstand.”
Anderzijds springen de dorpelingen indien nodig ook in de bres voor bewoners die zich afzijdig houden, zegt de winkelier. „Een paar jaar geleden had een dronkeman de ruiten beklad van iemand die hier woonde maar met niemand wat te maken wilde hebben. Toen heeft het dorp die dronkaard duidelijk gemaakt dat dat toch niet de bedoeling is.”
De gemeenschap is hecht in Lettele, een dorp van ruim 500 zielen, met een café, een landbouwmachinefabriek, een kerk en een dorpsschool. Tien jaar geleden is het dorp door Deventer opgeslokt. De nieuwbouwwijken rukken op, maar voorlopig is de groene buffer van weilanden vol koeien nog groot genoeg om de stad op afstand te houden.
De buurtverenigingen zijn actief. Optochten van versierde wagens uit bijna elke straat, een volle feesttent op de jaarlijkse kermis in augustus, de zeskamp voor jong en oud en het traditionele vogelschieten: mikken op een houten vogel bovenop een paal. Maar ook een grote ooievaar in de tuin bij de geboorte van een nieuwe dorpsbewoner en de levende kerststal op het plein van de basisschool.
„Er zijn weinig mensen in het dorp die geen vrijwilligerswerk doen”, zegt Kleine Koerkamp. „De kerk draait er op en de basisschool doet dikwijls een beroep op ouders. Het openluchtzwembad kan alleen openblijven dankzij een pool van vrijwilligers, die allemaal een diploma bedrijfshulpverlening hebben gehaald. Het is geen diep bad, hooguit 1.20 meter, maar alle kinderen krijgen daar zwemles, die van mij ook. Alleen afzwemmen moet in Bathmen.”
Kleine Koerkamp is uitbater van Firma Roesink, de dorpswinkel, die met de naastgelegen Spar een centrale rol vervult in Lettele. Hij verkoopt bijna alles, behalve levensmiddelen. Twee jaar geleden werd de winkel Servicepunt: een advies- en informatiebalie van de gemeente moet de leefbaarheid op het platteland bevorderen. Volgende maand opent de Deventer stadsbibliotheek hier een zelfbedieningsfiliaal. „Misschien worden we straks met een leestafel vol kranten ook nog ontmoetingsplaats”, zegt Kleine Koerkamp.
Ook de basisschool heeft zo’n spilfunctie, met bijna 200 leerlingen. Lettele is kinderrijk – één op de vier inwoners is jonger dan achttien – en de school trekt bovendien leerlingen uit het buitengebied. „Gelukkig maar”, zegt Wil Nijland, oorspronkelijk afkomstig uit de buurtschap Oude Molen (honderd inwoners). „Ik heb daar op een openbare school gezeten, want als niet-katholiek ging je niet naar een katholieke school. Mijn dochter, nu 28, was destijds de eerste niet-katholieke leerling hier in Lettele. Knap lastig als je een kuddedier bent en iedereen doet eerste communie en jij niet. Maar nu zitten alle kinderen lekker door elkaar op dezelfde school.”
Net als elders is ook in Lettele het schoolplein de ontmoetingsplaats bij uitstek. „Voor de meeste nieuwkomers begint het hier”, zegt Nijland. „Jonge mensen die hun kinderen hier op school hebben, worden gevraagd voor verenigingen. Want zo gaat dat in een dorp. Wat de één doet, doet de ander ook. We zijn allemaal heel betrokken.”
Mevrouw H. de Boer uit Deventer moet er niet aan denken. „Mijn zoon woont hier al twaalf jaar, ik ben nu oppasoma. Het is een leuk dorp hoor, maar ik zou er niet willen wonen. Dat je moet meedoen, ook als je dat niet wilt, anders ben je een buitenbeentje. Dan ben je een stadse, met kouwe kak.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.