*

 

Waarom nu pas kritiek op Bush en zijn beleid?

door Ruth Oldenziel − 15/01/07, 00:00

De kritiek op het besluit van Bush om extra troepen naar Irak te sturen is terecht. Gelukkig is kritiek weer mogelijk – drie jaar te laat.

Met het besluit extra troepen naar Bagdad te sturen, staat de Amerikaanse president Bush in zijn eigen Republikeinse partij, de Verenigde Staten en de wereld geïsoleerder dan ooit. Voor het eerst trekken commentatoren alom de wijsheid van het besluit openlijk in twijfel. Het geloof dat meer troepen stabiliteit brengen en de weg kunnen effenen voor een Amerikaanse terugtrekking deed President Johnson indertijd in Vietnam ook de das om. Het besluit van Bush komt vooral drie jaar te laat.

Dat is eigenlijk geen nieuws. Wel dat nu ook in politieke kringen de psychische gesteldheid van de Amerikaanse president een serieus gespreksonderwerp is. De boeken van veelschrijver Bob Woodward geven het beste de omslag weer. De journalist, die tegenwoordig zijn waarde vooral bewijst door de stemming onder de politieke elite feilloos te peilen, beschreef in 2002 en 2004 de president nog in bewonderende woorden als ’standvastig’, ’principieel’ en ’resoluut’. In zijn oktober gepubliceerde boek met de veelzeggende titel ’De staat van ontkenning’ leek een andere president te zijn opgestaan: een man, ongevoelig voor advies, die de relatie met de werkelijkheid heeft verloren. In het najaar van 2006 en de eerste maand van 2007 hebben de meest conservatieve denkers uit de eigen Republikeinse kring de verketterde geesten ter linker zijde ruimschoots ingehaald.

Dat markeert een radicale ommekeer. De afgelopen zes jaar betekende elke vorm van kritiek op Bush zowel in Amerika als in Nederland politieke zelfmoord. Het werd afgedaan als onvolwassen, incorrect links gezwets van mensen die hun verantwoordelijkheid niet durfden te nemen.

Door de feitelijke alleenheerschappij van de Republikeinse partij in het Congres en Witte Huis ontbeerde het Amerika onder Bush de traditionele controle op de macht van het Congres. Ook was de onafhankelijkheid van de traditionele media als kranten, radio en televisie in het geding. Als enigen bleven econoom Paul Krugman en zijn collega columnist Fred Rich in het dagblad The New York Times consistent het wel en wee van de president kritisch analyseren. Zij vonden steun in blogsfeer op het internet en bij de stand-up comedians op het kabelstation HBO als Jon Stuart, Stephen Colbert en Bill Maher, die de afgelopen jaren de macht – en de het misbruik daarvan – bij de naam bleven noemen. Het betalende publiek en de groeiende kijkcijfers beschermden hen tegen de ijzige wind die critici dagelijks moesten verduren en soms met ontslag moesten bekopen.

De explosieve groei van het internet in de nieuwsvoorziening en de kijkcijfers van Comedy Central maakten duidelijk dat Amerikaanse kiezers behoefte hebben aan een grotere diversiteit aan meningen en zich niet langer kunnen vinden in de opinies die in de traditionele media aan bod komen. Columnisten en anderen die commentaar leveren op het huidige Irakbeleid en de besluitvorming van Bush maken nu de broodnodige inhaalslag. Zij worden telkens ingehaald door de feiten en de publieke opinie buiten het officiƫle circuit.

Vrijwel alle kranten drukten de afgelopen week op de voorpagina de close-up af van het gezicht van president Bush, waarlangs langzaam een traan naar benee biggelde. De traan, zo kon men lezen, betrof zijn verdriet om de dood van een Amerikaanse soldaat. De gesublimeerde boodschap lag echter dicht onder de oppervlakte. De foto symboliseerde het besef dat hij moet hebben van zijn eigen isolement in de lawine van kritiek die hij over zich heen heeft gekregen vanwege zijn besluit extra troepen naar Irak te sturen.

Die kritiek is op de Amerikaanse president en zijn beleid is gratuit. Zijn beleid en leiderschap zijn nooit anders geweest. Daarom is het grootste nieuws van de afgelopen week noch het twijfelachtige besluit van Bush om extra troepen naar Irak te zenden noch de doofheid van deze president, maar de kritiek die nu in alle toonaarden klinkt.

De traan van Bush geeft uiteindelijk uitdrukking aan ons eigen onvermogen van de afgelopen jaren het machtsmisbruik van Bush van kritisch commentaar te voorzien of daarop een sterk politiek antwoord te formuleren. Dat geldt niet alleen voor Amerika maar ook voor bijvoorbeeld Engeland of Nederland. De diversiteit aan meningen, het recht van minderheden en de kwaliteit van het democratische debat en besluitvorming zijn de afgelopen jaren heel kwetsbaar gebleken.

Dat gevoel van kwetsbaarheid van een gezonde opinievorming en politieke machteloosheid van politieke minderheden verbleekt uiteindelijk in het niets bij de tragedie die zich in Irak afspeelt. Kritiek is nu makkelijk te geven. En is ook terecht. Het komt echter drie jaar te laat.

mailIcon print |