Claims vanwege onduidelijke beleggingsverzekeringen kunnen Nederlandse verzekeraars een miljard euro gaan kosten. De grootste schadeposten zijn voor Eureko, ING, Aegon en Fortis.
Dat melden analisten van Rabo Securities, de researchafdeling van de Rabobank, in een rapport. De onderzoekers gaan ervan uit dat nog veel hogere bedragen geclaimd kunnen worden, maar verwachten dat lang niet alle klagers hun geld terugkrijgen.
De beleggingsverzekeringen, vaak verkocht in combinatie met een hypotheek, zijn in opspraak gekomen omdat een groot deel van de inleg niet belegd blijkt te worden. Dit geld gaat op aan commissies voor tussenpersonen en professionele beleggers. Volgens onderzoek van het Verbond van Verzekeraars wordt circa 40 procent van de inleg niet belegd. Vorige maand concludeerde de commissie De Ruiter dat verzekeraars en tussenpersonen hun klanten te weinig duidelijke informatie gegeven hebben.
Rabo-analist Cor Kluis beklemtoont dat het rapport slechts een ’grove schatting’ van de schade voor de verzekeraars geeft. In totaal zijn er in de periode 1999 tot 2004 ruim twee miljoen beleggingsverzekeringen verkocht. Volgens de opstellers van het rapport maakt circa 10 procent van hen kans op compensatie. De Stichting Woekerpolisclaim (WPC) eist gemiddeld 7500 euro per persoon, wat de totale schade voor de verzekeraars op meer dan een miljard zou brengen.
Rabo Securities verwacht echter dat de rechter niet de volledige claims zal toekennen, en komt zo op een totale schade van 400 miljoen euro tot een miljard. De onderzoekers sluiten niet uit dat het totaal toch hoger uitkomt, bijvoorbeeld als ook oudere polissen worden meegenomen.
De berekening is gemaakt voor grote beleggers, die willen weten wat de risico’s zijn voor de verzekeraars. Die zijn, ondanks de hoge bedragen, niet al te groot ten opzichte van de totale marktwaarde van de verzekeraars. Wel kan de negatieve publiciteit de verkoop van nieuwe producten drukken.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.