*

 

Niet te hard van stapel met gebruik bio-energie

door Geert Bergsma − 05/01/07, 00:00

Palmolie is negatief in het nieuws. Het kost subsidiegeld en lijkt extra milieuschade te geven. Hoe komt ons geld voor groene stroom goed terecht?

Klimaatbeleid en duurzame energie zijn hard nodig. Ook topmannen van Shell en Unilever pleitten hiervoor. Bio-energie is voor Nederland één van de goedkopere opties, met een behoorlijk potentieel, maar de ervaring leert dat dit ook negatieve effecten heeft, zoals mogelijke aantasting van natuur, concurrentie met voedsel en luchtvervuiling. Het is dus hard nodig om bij de stimulering van bio-energie onderscheid te maken duurzame en niet-duurzame bio-energie. Dat gebeurt in Nederland nog niet.

Vier jaar geleden publiceerde milieuadviesbureau CE een pleidooi voor duurzame vormen van bio-energie. Dit werd ondersteund door energiebedrijven Shell en Essent en milieuorganisaties Stichting Natuur en Milieu en het Wereld Natuurfonds. Bij dat advies zat een reeks van voorwaarden waaraan gesubsidieerde bio-energie projecten moesten voldoen om doelen zoals reductie van broeikasgas, lage emissies en bodemvruchtbaarheid te halen. Dat zijn de punten waarop palmolie in elektriciteitscentrales zonder duurzaamheidgaranties nu slecht scoort. Het gebruik van goede criteria van duurzaam bij de invoering van bio-energie hadden de problemen kortom kunnen voorkomen.

De discussie liep echter spaak door verwarring over doelen en middelen. De minister van economische zaken had beloofd om in 2010 minstens vijf procent duurzame energie te hebben in Nederland. Bio-energie moest aan het doel van vijf procent de grootste bijdrage leveren. Maar met een strenger beleid op bio-energie, waar wij voor pleitten, zou dat percentage niet gehaald worden. Of zou het misschien duurder worden. Niemand zei het hardop maar het ’duurzame energie doel’ ging boven de echte duurzaamheid.

Heel anders ging dat in België. Daar is de discussie later gestart maar heeft men in dialoog met het energiebedrijfsleven binnen een paar jaar duurzaamheidcriteria voor bio-energie ingevoerd. Men heeft daar een ’nee tenzij’ beleid. Voor bio-energie geldt dat je eerst de duurzaamheid wetenschappelijk moet aantonen voordat je het van de overheid mag gebruiken voor duurzame energie.

En wetenschappelijke studies geven juist aan dat bio-energie nooit helemaal CO2 neutraal is en er zelfs uitwassen zijn waarbij er helemaal geen voordeel is. Ook komen er uit de schoorsteen emissies net als bij fossiele energie, dus compleet schoon is het niet. Energiebedrijven en overheid moesten dus echt iets met deze kwestie.

Januari dit jaar startte daarom een commissie onder leiding van prof. Jacqueline Cramer met bedrijfsleven, overheid en milieuorganisaties, met de opdracht duurzaamheidcriteria te ontwikkelen voor bio-energie en biobrandstoffen. Generiek, wetenschappelijk verantwoord en langzaam opbouwend van beperkte criteria in 2007 tot stevige criteria in 2011. Geleidelijk en in overleg.

In de commissie wordt hard gewerkt en gediscussieerd. Het is een lastige kwestie met veel technische discussies. Eigenlijk gaat het echter om een meer politieke vraag. Milieuorganisaties zien de risico’s als zo ernstig dat ze pleiten voor een ’nee tenzij’ beleid waarbij bio-energie pas gebruikt kan worden als het aantoonbaar duurzaam is. Bedrijven bezig in de bio-energie pleiten voor het geleidelijk invoeren van criteria waarbij er nu eerst een paar jaar met een ’ja mits’ beleid wordt gewerkt. En palmolie is naast andere stromen een grondstof die waarschijnlijk voorlopig door mag met de ’ja mits’ aanpak en moet stoppen met ’nee tenzij’. De overheid moeten nu kiezen: continuïteit voor het Nederlandse bedrijfsleven of risico’s op niet duurzame biomassa gegarandeerd voorkomen.

’Ja mits’ beschermt misschien de handel maar zal nog jaren discussies geven over ongewenste subsidies en de duurzaamheid van bio-energie. ’Nee tenzij’ garandeert duurzaamheid en is duidelijk voor NGO’s en bedrijven. Enige nadeel is het op korte termijn even wat minder bio-energie zou kunnen opleveren. Dit is echter de enige manier om draagvlak te behouden waardoor het op de langere termijn bio-energie juist zal helpen. Als de vormen van bio-energie met de meeste risico’s er nu niet gelijk uitgehaald worden met een ’nee tenzij’ aanpak blijft de publiciteit over bio-energie de komende jaren negatief. En dat zou erg jammer zijn want duurzame bio-energie hebben we hard nodig voor de aanpak van het klimaatprobleem.

mailIcon print |