Frans Bromet is zijn naam. Zuigen zijn vak.
De beste manier om mensen te leren kennen, is via de boekenkast. Een gesprek over het weer valt te proberen, maar veel wijzer over iemands achtergrond word je er niet van. Als je daarentegen ’Het Bureau’ van J. Voskuil bij de nog onbekende persoon op de plank ziet staan, is het ijs in de regel snel gebroken en komen de diepe gronden plotsklaps naar de oppervlakte. Dus: samen de voetbaluitslagen doornemen kan wel wát helpen, maar zegt minder over die persoon dan dat boek van Bob den Uyl – dat toch om persoonlijke redenen gekocht moet zijn.
Met de cd-collectie is het al niet anders. Wie Mariah Carey in de kast heeft staan, is een ander mens dan wie Paul Weller in de cd-speler heeft zitten. Waar of niet? En nu we toch aan het filosoferen zijn, kan de inhoud van de boekenkast ook wel meteen worden doorgetrokken naar politieke voorkeur, partnerkeuze, naamgeving voor kinderen, kledingsmaak en woninginrichting.
Ik weet, het zijn tot op zekere hoogte vooroordelen, maar ze zijn nog tamelijk gematigd vergeleken met de stelling van tv-maker Frans Bromet. Die beweert namelijk doodleuk dat de inhoud van een boodschappenwagen ’de spiegel van iemands ziel’ is. Met andere woorden: als u een flesje Maggi uit de schappen trekt, zegt dat iets over hoe u in het leven staat. Bij de aanschaf van een opwarmmaaltijd bent u een gemakzuchtig mens, en een krat bier onderin het karretje staat voor notoir alcoholist. Dat stel ik mij dan tenminste voor bij een spiegel, een ziel en de buit bij de C1000.
In de docusoap ’De Winkelwagen’ (woensdag, NCRV, Nederland 2) gaat Bromet brutaal bij de kassa staan van een willekeurige supermarkt om over de schouder van klanten mee te kijken wat er zoal is gekocht. Dat gluren in die wagentjes doet iedereen stiekem wel eens, maar Bromet gaat verder. Die vraagt waarom bepaalde boodschappen gekocht zijn. En hij wil ook nog met de mensen mee naar huis om te zien wat er allemaal met die boodschappen gaat gebeuren. De winkelkar dus als aanleiding voor ’een stukje human interest’.
Want daar is het de maker van onder meer ’Buren’ en ’De Verbouwing’ uiteraard om te doen. Een mooi menselijk verhaal naar boven krijgen met twee pakken vla als aanleiding. Dat lukte in de eerste aflevering overigens maar ten dele. Veel supermarktbezoekers peinsden er niet over om behalve de boodschappen ook Bromet nog eens in huis te halen.
Met dat dikwijls effectieve maar zeurderige stemmetje van hem. Of dat nieuwsgierige gegluur onder de deksel van de koekepan.
De jonge bouwvakker die de Playboy had gekocht, was makkelijker. Die nam de altijd nogal ’zuigende’ tv-maker mee naar zijn werkplek, waar zijn baas al op de laatste editie van het mannenblad zat te wachten. Hij liet er trouwens bitter weinig over los.
Het oudere stel was een geschiktere partij voor de ambities van Bromet. Een gelijkwaardige partij ook, want de vrouw – een echte Amsterdamse, die voor haar zieke man zorgde – was niet op haar mondje gevallen. En dat zijn precies de klanten waar ’De Winkelwagen’ naar op zoek is. Omdat de interviewer dan op zijn best is.
Bromet is zo’n man die expres harder gaat praten als hij zich richt tot iemand die op een of andere manier gehandicapt is. Dat deed hij nu tegen de man van de Amsterdamse, die de nachten wegens afasie in het verzorgingshuis doorbrengt: ,,Vindt u dat erg, dat u daar ’s nachts moet zijn!?”
Ik durf voorlopig niet naar de supermarkt.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.