De koortsboom bij Overasselt hangt vol doekjes. Terwijl de griepgolf nog moet komen.
Pastoor Sip uit het naburige Malden snapt de plotselinge populariteit van de eik wel. „Hier wonen allemaal boeren. Die vrezen niet zozeer de gewone griep, maar H5N1, de vogelgriepvariant die in Engeland is opgedoken. En ik hoorde net dat de varkenspest ook weer de kop heeft opgestoken.”
De cultusplaats is oud; de heilige Walrick werd hier vereerd, waarschijnlijk al in de 15de eeuw. Eeuwen later verplaatste de devotie zich van de ruïne naar de bomen ernaast; de koortsboom, een zomereik, staat er nog maar een eeuw.
„Voor de boeren hier in de buurt is februari nog altijd koortsmaand”, zegt pastoor Sip. De maand verwijst naar Febris, de Romeinse heks die dood en verderf zaaide, en hoge koortsen.
Het preventief ophangen van een zakdoek – onder andere door langsfietsende toeristen – strookt niet met de eigenlijke bedoeling, zegt diaken Aloys van Velthoven uit Overasselt. „Als je hoge koorts hebt die niet overgaat, neem je een lijfdoek, een onderbroek of hemd, verscheurt dat en hangt een flard aan de boom. Dan wijkt de koorts, zegt men. Vroeger gingen er wel groepjes familieleden en vrienden van een zieke in processie naar de koortsboom, al rozehoedjes biddend.”
Pastor Sip beveelt zijn parochianen geen gang naar Sint Walricks boom aan. „Het is volksdevotie, niet iets waar de kerk wat mee doet. Ik ga er niet heen.” Heeft diaken Van Velthoven uit Overasselt al wonderen gezien, dankzij de koortsboom? „Nee”, zegt hij. „Dat nog niet.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.