Wat is oneindigheid? Is de wereld rond? De Nederlandse stripheld Keepvogel verkent voor kinderen de grote vragen. Tekenaar Wouter van Reek is, net als Keepvogel ’slim genoeg om te merken dat ik dom ben’.
Keepvogel, de vogel met de rode cape, gaat op reis. Hij stopt al zijn bezittingen in een kleine koffer, ook zijn tafel, stoelen en een kastje. Uiteindelijk bergt hij er zelfs zijn hele huis in op.
In de animatieserie ’Keepvogel’ en twee gelijknamige kinderboeken is de hoofdrol weggelegd voor de bijdehante vogel met de rode cape. Samen met zijn hond Tungsten onderzoekt hij filosofische thema’s als oneindigheid en identiteit.
De maker van ’Keepvogel’ is cartoonist Wouter van Reek (46). Met zijn tekenfilms wil hij stimuleren dat kinderen nadenken. Van Reek: „Als kind had ik een hekel aan alles wat echt voor kinderen was bedoeld. Dat had geen diepte. Ik wilde iets waar spannende vragen achter zaten.” Keepvogel is daar geschikt voor, zegt Van Reek. „Hij had direct karakter. Hij is eigenzinnig, en net als de meesten van ons, niet slim en niet dom, maar met een grote nieuwsgierigheid.”
Die drang om te ontdekken blijkt in het filmpje ’Gedachtenbreiwerk’. Keepvogel wil een uitvinding doen waar hij slimmer van wordt en met die uitvinding wil hij daarna nog betere uitvindingen doen. „Dat lukt hem niet, zegt Van Reek. „Keepvogel raakt meer en meer verstrikt in zijn eigen gedachten.”
Keepvogel belandt in een oneindige regressie. In plaats van dat hij inzicht verwerft, worden zijn gedachten steeds minder helder. Die terugval komt vaker voor in Van Reeks verhalen. „Oneindigheid is onbegrijpelijk”, zegt Van Reek. „Nadenken over oneindigheid, betekent dat je gewend raakt aan het idee dat er dingen zijn die je niet snapt. Het zorgt voor ’open mindness’.”
„Kinderen hebben dat nog van nature. Ze komen voortdurend in nieuwe situaties terecht, dan worden ze gedwongen om zelf na te denken. Volwassenen zijn vergeten dat ze veel dingen eigenlijk niet weten. We hebben kennis opgedaan maar die is vaak maar van ’horen zeggen’.”
Het avontuur van Keepvogel verwijst naar een eigen interesse van Van Reek; de ’artificiële intelligentie’. „Men dacht altijd dat het makkelijk is om een spraakprogramma voor de computer te maken. Een computer die zelf schaakt, leek veel moeilijker. Het blijkt andersom. Schaken kan een computer al lang, maar praten lukt niet. Daar komen de wetenschappers maar niet uit.”
„Instinctieve handelingen zoals praten zijn ingewikkeld”, aldus Van Reek. „Veel gemakkelijker zijn de dingen waar we ons bewust van zijn.”
Keepvogel benadert het thema intelligentie op een kinderlijke manier. Hij begint zich verschillende vragen te stellen. „Hij weet helemaal niet hoe hij in elkaar zit”, zegt Van Reek. „Wat is slimheid eigenlijk? Hij merkt al gauw dat hij niet verder komt, het is te ingewikkeld.”
Van Reek noemt nog een onderwerp dat hem intrigeert: het heelal. Steeds opnieuw probeert hij daar met Keepvogel iets zinnigs over te zeggen. Maar uiteindelijk komt de cartoonist niet verder dan ’de wereld is zo plat als een pannenkoek’.
In het filmpje ’De wereld is rond. Of niet?’ krijgen Keepvogel, Tungsten en een vriend ruzie over hoe de wereld eruit ziet. Keepvogel gelooft dat de wereld een bol is en in het heelal zweeft. De anderen vinden dat een belachelijk idee, hoe kan een bol zweven?
De vriend heeft een sterk mythologisch wereld beeld, hij ziet de aarde als een grote kachel. Tungsten wint uiteindelijk de ruzie met een simpele verklaring: de aarde is plat en hij stopt aan de andere rand. Omdat hij dat makkelijk kan aantonen, ’kijk maar’, wint hij de discussie.
Van Reek: „Ik schrok zelf ook van de uitkomst. Ik hoop dat iedereen het irritant vindt dat Tungsten wint. Hier moet je als kijker toch over nadenken?”
Als kind was ik hier erg mee bezig, zegt Van Reek. „Dat de wereld rond was, daar geloofde ik niets van. Wetenschappers hebben die kinderlijke open blik ook. Ze betwijfelen voortdurend hun eigen conclusies. Astronomen verbeteren zichzelf om de paar jaar. Opeens blijkt dan dat 95 procent van het heelal onbekend is, of ze ontdekken donkere energie. Dan weer blijkt het heelal veel groter te zijn dan ze dachten. Een tijd geleden wisten ze zeker dat het steeds trager uitdijde. Nu denken ze dat het juist steeds sneller uitdijt. Daar is totale verwarring.”
De tekenaar houdt ervan om in Keepvogel met perspectief te spelen. „Een vriend van Keepvogel heeft een motor, dat is stoer. Een fiets is niet stoer”, zegt Van Reek: „Welbeschouwd is het andersom. Op een motor laat je jezelf rijden, er is niets stoers aan.”
Voor kinderen is dat verwarrend, zegt de cartoonist. „Als je op straat die kleine keffertjes tegenkomt die opgewonden naar je blaffen vind je dat irritant”, zegt Van Reek. „Maar eigenlijk zijn ze zo dapper. Denk je dat wij op straat tegen een tyrannosaurus tekeer durven gaan?”
Van Reek laat zich voor zijn tekenfilms en boeken inspireren door de natuurwetenschap en de ’bewustzijnsfilosofie’ van de Amerikaan Daniel Dennett. Van Reek: „Ik heb een bèta-interesse. Het helpt me de blik op mijzelf te veranderen. Ik ben op zoek naar een wereldbeeld maar ik weet dat ik nooit antwoord krijg. De wetenschap helpt me om mijzelf te zien als mens, zonder al te veel vooroordelen. De evolutiebiologie, astronomie en cognitieve wetenschap vertellen hoe klein en onbelangrijk je bent en dat je eigenlijk uit een bacteriekolonie bestaat. Hoe klein de aarde is en hoe groot het heelal en hoeveel andere planeten er zijn. Alles zit anders in elkaar dan je intuïtief zou denken.
„Ik vind het fijn om mijn eigen beperktheid te zien. Ik ben net slim genoeg om te merken dat ik dom ben”, aldus Van Reek. „Dat prikkelt me om na te denken en nieuwe dingen te onderzoeken.”
„Ik wil kinderen een verhaal met meerdere niveaus geven, zegt Van Reek. „Dat heeft kindercultuur veel te weinig. Laat kinderen maar eens in het diepe springen.”
Dit voorjaar verschijnt ’Keepvogel – De Kijktoren’ bij uitgeverij Leopold. De animatiefilmpjes zijn te bekijken op www.keepvogel.nl.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.