Zonder religieuze beleving geen religie – misschien is ze wel de kern ervan. Toch lees je er maar weinig over. In deze rubriek beantwoorden mensen vragen over wat ze op religieus gebied hebben beleefd. Vandaag: Han Borg.
U hebt de rooms-katholieke kerk verlaten, schreef u maandag in de brievenrubriek van deze krant. ’Ik ga mijn eigen weg’, eindigde uw brief. Wat beleeft u zoal op die weg?
„Allereerst een heleboel boosheid. Het is toch van de wilde spinnen hoe deze kerk met mensen omgaat? Als ik lees dat de kerk een man in Italië die nauwelijks nog lucht kon krijgen en die dood wilde, niet wil begraven, dan kan ik daar pisnijdig om worden. Maar ik heb ook mijn eigen ervaringen. Ik heb in verschillende kerkelijke besturen gezeten en heb teveel onverkwikkelijke situaties meegemaakt. De top is keihard en liefdeloos, heel onplezierig.
Nu ben ik op zoek, al heb ik het idee dat ik me pas kan aansluiten bij een andere kerk als ik al mijn oude veren heb afgeschud. Toen ik op mijn werk behoorlijk afgedraaid was, ben ik een aantal dagen in het klooster van Heeswijk-Dinther geweest. Ik deed met alles mee – diensten, maaltijden, gesprekken – was er deel van de gemeenschap van monniken. Even was ik helemaal los van het dagelijks leven, in een andere omgeving waar ritme en zingeving centraal staan. Het gaf weer bodem aan mijn bestaan. Als ik er later aan terugdacht, kwam het gevoel van rust en verdieping vanzelf terug.
Verder kan ik best nog wel eens genieten van een katholieke viering, bijvoorbeeld als ik met mijn vader meega naar een kerstnachtmis. De wierook, het gezang, de gewaden, het draagt allemaal bij aan de sfeer.
Maar in al de magie, zoals de transsubstantiatie, het omtoveren van brood en wijn in vlees en bloed, geloof ik allang niet meer.’’
Gelooft u niet meer in de mogelijkheid van een ingrijpende God?
„Sinds ik drie jaar geleden een afscheidsbrief heb geschreven aan de bisschop – waarop natuurlijk geen enkele reactie kwam – heb ik een paar turbulente jaren achter de rug. Tot tweemaal toe kreeg ik kanker. Ik lag in het ziekenhuis en er was een kans dat ik er niet meer uit zou komen. Ik was niet bang, maar wel onrustig, de onzekerheid knaagde aan me. Ik had behoefte de balans op te maken: heb ik het wel goed gedaan – dit en dat is wel heel erg misgegaan. Kan ik het herstellen? Nee dus. Over sommige dingen was ik blij, maar over andere zaken had ik spijt en verdriet en was ik wanhopig.
Ik moest steeds denken aan het feit dat zowel mijn moeder als mijn schoonmoeder niet lang daarvoor binnen 36 uur na elkaar gestorven waren. Ik voelde dat ze heel dichtbij waren, vooral mijn moeder, met een mix van steun en tranen. ’Had je me hier niet voor kunnen behoeden, had je niet énige voorspraak kunnen doen voor mij’, sprak ik haar enigszins verwijtend toe. Na de geslaagde operatie heb ik in de kapel van het ziekenhuis een flinke kaars voor haar aangestoken.
De tweede keer was afgelopen zomer. Er bleek nog een zware tumor in mijn lever te zitten. Terwijl ik werd klaargemaakt voor de operatie, besefte ik dat ik niet wist of ik er uit zou komen of dat ik na een uurtje wakker gemaakt zou worden en de boodschap zou krijgen dat er niets meer aan te doen was. Ik heb toen wel een paar schietgebedjes gedaan. ’Mijn God, mijn God, help! Zorg dat ik het overleef’, herhaalde ik.
Het is tegenstrijdig met het ongeloof in de magie van de katholieke mis, inderdaad, maar het is niet tegenstrijdig met mijn gevoel. ik schaam me er dan ook totaal niet voor. Deze zeer fundamentele religieuze beleving ken ik nog van mijn rooms-katholieke jeugd. Ik begrijp nog steeds dat vaste geloof in bijvoorbeeld de transsubstantiatie. Toen ik voor de eerste keer het delen van het brood mocht gaan meemaken, vertelde de pastoor ter voorbereiding met zulk een overtuigingskracht over wat er dan gebeurde, dat ik daarover nooit heb getwijfeld, tot ik de jaren des onderscheids bereikte. Op momenten van grote nood kun je teruggrijpen op deze manier van denken die je ooit als heel werkzaam hebt beleefd, en zo uiting geven aan je gevoelens. Of zoiets helpt weet ik niet, maar het was een goede manier om mezelf voor te bereiden op de operatie.’’
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.