Individuele fouten en een gebrek aan killersinstinct kostten AZ drie punten tegen Ajax (2-3). De Amsterdammers zijn nu lijstaanvoerder.
Met dank aan de spitsen Huntelaar en Suárez boekte Ajax gistermiddag een knappe uitzege op AZ (2-3). De kwaliteiten van het tweetal compenseerden de personele problemen bij de Amsterdammers. Gelijktijdig legden de handige aanvallers de zwakte aan de kant van de thuisploeg bloot. Door een gebrek aan individuele klasse komt de Alkmaarse club op topniveau tekort.
De ingetogen stemming van Ajax-trainer Ten Cate na afloop paste niet bij een man, die zojuist met enig fortuin had gewonnen van AZ. Toch was zijn onvrede na het duel goed te begrijpen. Tegenover de zege in het DSB-stadion stonden twee nieuwe blessuregevallen. Stam haakte al af tijdens de warming-up. De routinier zakte door een knie, toen hij met een felle sprint zijn lichaam in gang wilde trekken. Kort voor de rust volgde Vermaelen hem naar de kleedkamer. De Belgische verdediger verzwikte een enkel na een kopduel met Pellè. Beide spelers zijn waarschijnlijk enkele weken niet inzetbaar. Een flinke aderlating, zeker met het oog op het tweede Uefa Cup-duel met Dinamo Zagreb.
Ten Cate treurde niet lang. Ondanks de volle ziekenboeg en het matige veldspel zag hij hoe Ajax zich tegen AZ van zijn beste kant had laten zien. „Het gaat nog wat worden, als we echt goed gaan voetballen”, grapte hij cynisch. Dan zakelijk: „Zonder automatismen – het elftal is op zeven plaatsen gewijzigd – moet je met een goede teamspirit aantreden. En de kansen benutten die je krijgt. Dat deden we uitstekend.” Daarmee vatte hij kernachtig de inbreng van Ajax samen. AZ voetbalde beter, de Amsterdammers waren feller in de duels en scherper in de afronding.
De efficiëntie van Ajax was vanuit Alkmaars gezichtspunt jaloersmakend. AZ speelde fris, creëerde een handvol kansen maar stond na 43 minuten met 0-2 achter. Vooral dankzij Huntelaar. De spits schoot eerst een vrije trap langs doelman Waterman. Even later stuurde hij Suarez diep, die zonder aarzelen de korte hoek vond. Een slippertje van Emanuelson bracht AZ op slag van rust terug in de wedstrijd. De back liet zich simpel aftroeven door Agustien. Met een vernuftige hakbal gaf hij De Zeeuw vervolgens de kans van dichtbij uit te halen.
Het doelpunt van de kleine international kon de toorn van Van Gaal over de defensieve slordigheden niet wegnemen. De oefenmeester slachtofferde Donk, die zijn taken als centrale verdediger te laconiek uitvoerde. Agustien, na de rust op Donks plek geposteerd, voldeed beter. Maar niet afdoende. Zo verkeek hij zich lelijk op een verre uittrap van Ajax-doelman Stekelenburg. In plaats van een kopduel aan te gaan, wachtte Agustien op de stuit. Suarez, eerder bij de bal, strafte de misrekening genadeloos af. Met een lobje verschalkte de Uruguayaan Waterman voor de tweede maal (1-3).
Suarez’ trefzekerheid stond in schril contrast met de scherpte van de voorhoede van AZ. Zelfs een strafschop, even na de rust toegekend, was niet aan de ploeg besteed. Nieuweling El Hamdaoui miste oog in oog met Stekelenburg. „Cziommer en Ari nemen normaal gesproken de penalty’s”, verdedigde Van Gaal zijn aankoop. „Zij deden door blessures niet mee. Op de reservelijst staan Steinsson, Martens en, sinds kort, El Hamdaoui. Steinsson en Martens wilden de verantwoordelijkheid niet nemen. Mounir wel.”
Dat AZ via Dembélé in blessuretijd nog 2-3 maakte, was min of meer toeval. Dembélé mocht een rebound, na een vrije trap van invaller Medunjanin, ongedekt intikken. De defensie van Ajax zag het schouderophalend aan. De winst was al binnen. Voor AZ kwam het verlies hard aan. Moreel en cijfermatig had de ploeg niets om tevreden op terug te kijken.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.