*

 

Een verjaardag met de koningin in Parijs

door Marijn Kruk in Parijs − 11/01/07, 00:00

Het ’Institut Néerlandais’ in Parijs bestaat vijftig jaar. Met Rembrandt en onbekende jonge kunstenaars concurreert het met achtendertig andere instituten.

„Pakkend toch?” zegt Rudi Wester over het nieuwe logo van het Institut Néerlandais, terwijl ze achter haar bureau vandaan komt. ”Ontworpen door Wijntje van Rooyen, ik wilde graag een jonge grafisch ontwerper een kans geven."

Even later, tijdens een rondgang door het riante stadspaleis vlakbij het parlement, vestigt ze de aandacht op enkele recente aanwinsten: stoelen van Richard Hutten en een kroonluchter van Job Smeets.

Ze knikt naar een jongen die aan de ovale leestafel verdiept zit in een Nederlands grammaticaboek. „Zevenhonderd studenten Nederlands per jaar hebben we nu. En dat aantal groeit nog steeds.”

In aanwezigheid van koningin Beatrix viert het Institut vandaag zijn vijftigste verjaardag. Voormalig Trouw-correspondent Pieter van den Blink schreef voor de gelegenheid een boek (’121, Rue de Lille – Nederland aan de Seine’).

En onder de titel ’Haut les Pays-Bas!’ (de Lage Landen, zij leven hoog!) onthalen Wester en haar 27 medewerkers Frankrijk komend jaar op een ’Nederlands seizoen’ met fotografie, schilderkunst, design, muziek en lliteratuur.

Toch, benadrukt Wester, is het Institut Néerlandais meer dan een etalage van Nederland. Ze noemt de expositie ’Histoire(s) Parallèle(s)’ die het Institut afgelopen jaar organiseerde en waarin zowel Franse als Nederlandse fotografen deelnamen.” En ze wijst op de debatten die het Institut door het jaar heen organiseert. Veelal over in Frankrijk gevoelige onderwerpen als euthanasie of integratie.

Drijvende kracht achter de oprichting van het Institut Néerlandais in 1957 was de Nederlandse kunstverzamelaar Frits Lugt (1884-1970). Hij was het die twee kapitale panden aankocht, in één daarvan het Institut vestigde en in het andere de Fondation Custodia met zijn etsen en schilderijen. Behalve werk van Frans Hals, Albert Cuyp en Pieter Saenredam zijn er meer dan 400 etsen van Rembrandt bij. De door een tentoonstelling van een van deze grote namen aangetrokken bezoeker, krijgt steeds ook ander werk te zien.

Dat het ook zonder hulp van Oude Meesters kan bewees de Nederlandse portretfotografe Desiree Dolron onlangs met Exaltation – Gaze – Xteriors.

Wester: „We hadden de schrijver Pierre Assouline het voorwoord van de catalogus laten schrijven. Franse kranten pikten het snel op. De weekendbijlage van Le Monde ruimde zes pagina’s voor de expositie in en bij de opening was tout cultureel Parijs aanwezig. Later belde de actrice Charlotte Rampling op voor een privérondleiding.”

Dagelijks bezochten ruim 400 mensen de expositie. Voor Dolron betekende het haar definitieve doorbraak in Frankrijk.

Wester, die het Institut sinds 2003 leidt, combineert haar directeursfunctie met een diplomatenbaan op de Nederlandse ambassade.

”Dat is een wereld van verschil: Als diplomaat kun je niet discreet genoeg zijn, maar als directeur van het Institut Néerlandais moet je steeds veel kabaal maken.”

mailIcon print |