Het kan nog groter, nog luxer en nog exclusiever in Berlijns grootste warenhuis.
Verwondering en vertwijfeling staat op de gezichten te lezen van de bezoekers van het Kaufhaus des Westens. Verwondering over de rijkdom aan luxewaren die in dit machtige pand aan de Wittenbergplatz in Berlijn is uitgestald. Vertwijfeling over hoe men in hemelsnaam iets kan vinden op de 60.000 vierkante meter winkeloppervlakte.
Het KaDeWe in Berlijn viert zijn honderdste verjaardag. Het is een van de drukst bezochte attracties van de Duitse hoofdstad.
Wie door de hoofdingang binnenkomt, betreedt eerst een ruime hal, waarin slechts enkele producten zijn tentoongesteld. De rest van de begane grond is voornamelijk voor de cosmeticabranche. Dan gaat het omhoog met bespiegelde roltrappen of glazen liften. Stijlvolle borden sommen de producten en diensten op. Ze lezen als een encyclopedie van de kapitalistische overvloed. Op de eerste, tweede en derde verdieping zijn alle grote merken kleding te koop. Op de lingerieafdeling bevoelen zwaar opgemaakte vrouwen het luxeondergoed. Ze spreken Russisch.
Het KaDeWe staat in de wijk Charlottenburg, waar zich de laatste jaren veel rijke Russen hebben gevestigd en die daarom ook wel ’Charlottograd’ heet. De dames zijn er vaste klanten. Ze stallen hun honden in de speciale boxen bij de KaDeWe-parkeergarage, geven hun jassen af in de KaDeWe-garderobe, brengen hun kinderen naar de KaDeWe-crèche of naar de KaDeWe-kinderkapper, en slenteren, luid babbelend, urenlang over de zeven verdiepingen van het warenhuis.
Bedrijfsleider Patrice Wagner rekent de Russen tot de Berlijnse cliëntèle. In lichtvoetig Duits schetst de van oorsprong Franse manager een profiel van zijn klantenkring. ,,Iedere dag hebben we tussen de 40 en 50.000 mensen in huis. Zestig procent zijn Berlijners, veertig procent toeristen, de helft daarvan buitenlanders. De vaste klanten zijn meestal 35 jaar of ouder, maar die groep wordt in de geest steeds jonger. Ze reizen veel, hebben veel te besteden en komen bij ons om zich iets bijzonders te veroorloven.’’
Wagner is weggekocht bij Lafayette, de gerenommeerde Franse warenhuisketen. Vier jaar geleden trad hij in dienst van KaDeWe en stelde zich ten doel om het versukkelde warenhuis groter en beter te maken dan Lafayette en op den duur zelfs het Londense Harrods naar de kroon te steken. In het eerste is hij inmiddels geslaagd, vindt hij, het laatste zal moeilijk worden. ’Berlijners zijn niet zo rijk als Londenaren en Parijzenaren.”
Wagner spreekt van een ’gezonde Oost-Westconcurrentie’. De Berlijnse vestiging van Lafayette staat in het oostelijke centrum, de buurt rond de statige allee Unter den Linden. Na de val van de Muur groeide die buurt uit tot het modieuze en dynamische hart van de Duitse hoofdstad. Het KaDeWe staat in het westelijke centrum bij de Kurfürstendamm, dat na de Wende een moeilijke tijd had, maar dat de laatste jaren langzaam terugkrabbelt.
Toen Adolf Jandorf het Kaufhaus des Westens in 1907 oprichtte, bestond die Oost-Westconcurrentie al. Het was gedurfd dat de joodse ondernemer zijn warenhuis in het ’Nieuwe Westen’ bouwde, waar nog nauwelijks winkels waren. Na de komst van het KaDeWe groeide de buurt rond de Kurfürstendamm uit tot een deftig inkoopcentrum.
In de swingende jaren twintig gaf het KaDeWe de toon aan. In de jaren dertig werkten de nazi’s de joodse bedrijfstop het land uit. In de oorlog stortte een Amerikaans vliegtuig op het dak en brandde het pand volledig uit. In 1950 kwamen op de dag van de heropening 180.000 nieuwsgierigen naar het KaDeWe. Na de val van de Muur telde het warenhuis drie dagen lang eenzelfde aantal bezoekers. De bevrijde ’Ossi’s’ kwamen zich vergapen aan de westerse decadentie.
De afgelopen jaren is het KaDeWe onder leiding van Wagner ingrijpend verbouwd. Het is nog groter en luxer geworden, met overzichtelijke, vierkante eilanden voor de verschillende soorten waren. Alleen op de levensmiddelenafdeling, die de hele zesde verdieping in beslag neemt, verliest men makkelijk het overzicht. Zeker op zaterdag, wanneer duizenden mensen langs de glimmende toonbanken schuifelen. Aan de talloze buffetten, waar koks, bakkers, patissiers en sommeliers hun kakelverse lekkernijen uitserveren, is nauwelijks een plaatsje te vinden. En dat geldt ook voor het enorme restaurant Wintergarten, vlak onder het dak.
Elke nacht om twee, drie uur beginnen de bakkers al te mengen, kneden en bakken naar de recepten van de fameuze Franse delicatessenmeester Lenôtre. In de nacht van 28 februari op 1 maart togen ze al meteen na de sluitingstijd van acht uur aan het werk. De volgende dag begon het honderdste verjaarsfeest van het KaDeWe, dat tot het grote gala op 12 oktober voortduurt. In het overdekte binnenhof moesten ze een 6,5 meter hoge taart bouwen.
Op 1 maart om 11 uur ’s morgens betrad burgermeester Klaus Wowereit het binnenhof, gekleed in een gestileerd KaDeWe-bakkersjasje met zijn naam erop geborduurd. Met een minihoogwerker werd hij naar het midden van de taart geheven, waar hij plechtig het mes in het roze glazuur zette.
Aan het talrijke publiek werden 6000 stukjes taart geserveerd en een glas Prosecco voor de spoeling. Het honderdjarige warenhuis begon feestelijk aan zijn zoveelste nieuwe leven.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.