Jaarlijks sterven ruim honderd kinderen aan kanker. De meest voorkomende soorten zijn leukemie en hersentumoren.
In tien jaar tijd overleden in Nederland 15.200 kinderen, zo blijkt uit cijfers van 1996 tot 2005, die het Centraal Bureau voor de Statistiek gisteren publiceerde. Het hoogste aantal sterfgevallen betreft zuigelingen: bijna 66 procent van de kindersterfte vindt plaats in het eerste levensjaar. De belangrijkste doodsoorzaken voor kinderen van deze leeftijd zijn problemen rondom de geboorte en aangeboren afwijkingen.
Vanaf het tweede levensjaar wordt kanker doodsoorzaak nummer één. De belangrijkste dodelijke kankers bij kinderen zijn leukemie en hersentumoren. Ook de klieren die hormonen uitscheiden, de botten en het bindweefsel van kinderen zijn kwetsbaar. Jaarlijks krijgen vierhonderd kinderen kanker, meldt het Koningin Wilhelmina Fonds (KWF). Onder kinderen van dertien tot vijftien jaar zijn verkeersongevallen de belangrijkste doodsoorzaak.
De overlevingskans van kinderen met kanker is wel hoog, zegt een woordvoerder van het KWF: zeventig procent van de kinderen geneest. Over factoren die een rol spelen bij het ontstaan van kanker bij kinderen is nog niet veel bekend. Alleen bij huidkanker, melanoom, is een duidelijk aanwijsbare oorzaak: zeer sterke blootstelling aan zonlicht. „Maar dit manifesteert zich meestal pas na het twaalfde of veertiende jaar”, zegt Jan Willem Coebergh, hoofd van de afdeling onderzoek van het Integraal Kankercentrum Zuid.
Over de rest van de kankersoorten bestaan slechts vermoedens. „Er zijn aanwijzingen dat crèchekinderen, kinderen die tot hun eerste jaar blootgesteld worden aan veel infecties, beter beschermd zijn tegen kanker”, merkt Coebergh op. „Hun immuunsysteem is door al die infecties versterkt. Aan de andere kant krijgen kinderen uit de derde wereld infecties die de kans op lymfklierkanker juist vergroten.”
Nog een mogelijke aanwijzing voor het risico op kanker is het geboortegewicht. „Hoe hoger het gewicht bij geboorte, dus hoe meer cellen de baby heeft, des te groter de kans op kanker. In de meeste westerse landen zie je een geleidelijke toename van het geboortegewicht”, aldus Coebergh.
Behalve dat de overlevingskans relatief hoog is, wordt de kans op genezing steeds groter door verbeterde behandeling en eerdere herkenning. Een hoger sociaal leefmilieu kan de overlevingskans ook verhogen, denkt Coebergh. „Snelle diagnose is van groot belang, en in lagere milieus zullen mensen misschien later medische hulp inroepen.”
Wat verder opvalt bij de cijfers, is dat meer jongens dan meisjes sterven aan kanker. „Dat zie je overal, ook bij andere ernstige ziekten. Het is een natuurverschijnsel”, zegt Coebergh.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.