*

 

De Afghaanse taliban juichen

Van onze redactie buitenland − 29/12/07, 00:00

De moord op Bhutto is een opsteker voor islamitische radicalen in Afghanistan. Chaos in Pakistan speelt de taliban in de kaart.

De vlaggen hingen halfstok in Afghanistan, op last van president Karzai. Al-Kaida-woordvoerder Moestafa Aboe al-Jazid juichte daarentegen tegenover de Asia Times: „We hebben Amerika’s waardevolste bezit vernietigd die beloofde de moedjahedien te vernietigen.” Afghaanse politici, en het Westen, zagen in de Pakistaanse oppositieleidster Benazir Bhutto iemand die een eind kon maken aan de steun die talibanstrijders krijgen uit Pakistan.

Zo lang die steun voortduurt, is een stabiel, seculier en democratisch Afghanistan ondenkbaar, hoe de Navo ook haar best doet. De taliban ontvangen wapens en rekruten uit de autonome grensgebieden met Pakistan. Daar heersen stamleiders van de Pasjtoen – die ook de andere kant van de grens bevolken. De taliban, en Pakistaanse islamisten, vinden er een veilig heenkomen.

Ze krijgen ook steun van functionarissen in Pakistans omvangrijke, ondoorzichtige veiligheidsapparaat. Tijdens de Sovjetbezetting van Afghanistan in de tachtiger jaren werd het verzet, met steun van de Amerikaanse CIA, georganiseerd door de Pakistaanse geheime dienst ISI. De taliban zijn een kind van dat verzet, en oude banden tussen hen en delen van de ISI bleven intact. Ze vormen een kongsi met tal van radicale organisaties voor de ’bevrijding’ van Indiaas Kashmir – een strijd die lang officiĆ«le Pakistaanse politiek was.

Pakistans president Musharraf stuurde het leger naar de tribale gebieden, en verbood radicale moslim-organisaties. Maar hij heeft de islamstrijders, binnen en buiten de stamgebieden, niet verslagen. Volgens sommigen weigerde Musharraf door te pakken, uit angst voor nog meer weerstand tegen zijn toch al impopulaire bewind.

Bhutto had die patstelling kunnen doorbreken, zo beloofde zij zelf, en dat was ook de inschatting van Washington. Als de Pakistanen eindelijk een leider zouden krijgen met een democratisch mandaat, en met een oor voor hun belangen, dan zou de islamisten de wind uit de zeilen worden genomen.

Die theorie zal nooit meer bewezen kunnen worden. Maar twijfelen mag. Tijdens haar twee premierschappen bracht Bhutto (overigens destijds de eerste die in 1996 het toenmalige talibanbewind erkende) niets terecht van haar beloftes om Pakistans paupers te verheffen. Bhutto – vrouw, pro-westers, seculier – was een onwaarschijnlijke kandidaat om twijfelaars binnen het islamistische kamp over de streep te halen. Maar de treurige waarheid is dat Pakistan momenteel weinig betere kandidaten in de aanbieding heeft.

mailIcon print |