En weer was het bericht reden voor de Amerikaanse sportmediawereld om op de achterste poten te gaan staan. John Amaechi, een aardige, gemiddeld goed spelende Brit die vijf jaar in de NBA speelde, heeft een boek geschreven en heeft zich laten interviewen en: hij is uit de kast gekomen. Hij is homo en sorry dat het zo is
Iedere keer weer (vooral in de USA) is zo’n gebeurtenis er een waar ongelofelijk veel over gezegd en geschreven wordt en het valt mij op dat de ’gezonde’ sportwereld niet weet in welke bochten men zich moet wringen om zo’n ’nieuwtje’ in zijn juiste vorm te gieten.
Oké, de Engelsman heeft de bekende weg gekozen: hij heeft gewacht met het ’uit de kast komen’ tot hij niet meer in de NBA speelde. Hij koos voor een boek en interviews om duidelijk te maken wat hij wil en gaat nu over de tong in iedere NBA-kleedkamer. Misschien hoopt hij dat zijn boek goed zal verkopen. Coaches en vroegere medespelers zijn gevraagd of ze iets aan hem gemerkt hadden (hoe durf je) en een van zijn oude clubs, Utah Jazz heeft zelfs een statement afgegeven waarin de coach (Jerry Sloan) stelt dat de geaardheid van zijn spelers nooit telde, maar wel hoe die bepaalde speler in het veld was. Wat een kul.
Waarom gaan wij zo moeilijk met lesbiennes en homo’s in de sport om? Hoe komt dat? Of moet ik stellen dat we generaal problemen hebben met de homo- en lesbowereld en hoef ik de vernauwing ’sportwereld’ niet aan te brengen?
Ik weet nog hoe het Martina Navratilova verging. En Dave Kopay, de footballer die verguisd werd en ineens een viezerik genoemd werd. Los Angeles Dodgers verre-velder Glenn Burke werd weggehoond (en stierf in 1995 aan de gevolgen van aids) en honkballer Billy Beans’ boek waarin hij veel verklaarde over zijn voortdurend opgekropte gevoelens in de kleedkamer, lag binnen drie weken bij de Amerikaanse De Slegte: men wilde het niet weten; hij was een viespeukje. Waarom durven zo weinig (top)sporters voor hun geaardheid uit te komen? Is onze wereld werkelijk zo klein, zo benepen? Het lijkt zo te zijn.
Amaechi, inmiddels terug in Engeland en bezig aan een carrière in de tv-wereld, verhaalt over zijn problemen en noemt slechts twee spelers die wel eens met hem over zijn seksuele geaardheid spraken. Een daarvan was de Rus Andrei Kirilenko die zijn Britse ploeggenoot heel sympathiek benaderde bij de uitnodiging voor een kerstparty. Waar de Amerikanen zich geen raad wisten en weten met gays and lesbians zei deze Rus: ,,Kom en neem de partner mee die jij wil. Ik heb alle begrip voor je situatie, niemand bij ons zal er gek van opkijken.” Amaechi vertelt dat hij geraakt was door het aanbod, maar toch niet ging.
Het meest trof me een tv-commentaar van een andere ex-NBA-speler (Greg Anthony) die stelde: ,,Amaechi was nooit een topspeler. Was hij dat wel geweest dan hadden zijn woorden werkelijk iets betekend. Het wachten voor de homowereld is op een beroemdheid die uit de kast komt en dan liefst een beroemdheid uit de Afrikaans-Amerikaanse samenleving, misschien dat er dan iets van acceptatie ontstaat. Nu werd het lachend afgedaan met ’een Engelse flikker die redelijk kon basketballen, so what?’.
Dat was eigenlijk het meest trieste van alles. Dat je blijkbaar een topper in de sport moet zijn geweest om officieel als homo (of lesbo) te worden geaccepteerd.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.