Italië is in de ban van het rugby. Vanmiddag speelt de nationale ploeg in het zeslandentoernooi tegen Ierland. Het oude stadion is uitverkocht.
In Italië is rugby miljoenen harten aan het veroveren. De sport die voorheen niet in de buurt van de schaduw van het voetbal mocht komen, wordt plotseling aanbeden. Een glimmende premier Romano Prodi, naar eigen zeggen een groot rugbyfan, ontving de nationale ploeg deze week en prees de heren de hemel in. Prodi kreeg een rugbybal met de handtekeningen van alle spelers als aandenken.
In de grote dagbladen figureren de massieve rugbyspelers, tot voor kort volslagen onbekenden, in paginagrote reclames voor kleding en koffie. Op het vliegveld van Rome zijn de spelers onlangs spontaan onthaald met een daverend applaus. „Ze vragen tegenwoordig op straat om mijn handtekening”, aldus een beduusde sterspeler.
Het huidige succes van het rugby is te danken aan de ongekende prestaties die het nationale team op het zeslandentoernooi levert. Twee Angelsaksische landen waar rugby – in tegensteling tot Italië – een lange geschiedenis heeft, zijn kort na elkaar verslagen. Schotland moest het drie weken geleden ontgelden, nota bene op eigen veld, en vorig weekeinde wonnen de Azzurri met 23-20 van Wales. Twee overwinningen in één toernooi, dat was sinds Italië in 2000 aan het toernooi is gaan deelnemen nog niet vertoond. „We zijn volwassen geworden. Eindelijk. Op een glorieuze manier!” schreef dagblad La Stampa.
De groeiende passie voor het rugby lijkt ook te worden gevoed door een verkoelde verhouding met het voetbal. Want daar zijn nare praktijken als omkoping en agressie aan de orde van de dag. Op een Internetforum schrijft ene Fabrizio dat hij het geweld en gescheld bij de voetbalwedstrijden zat was. „Uit nieuwsgierigheid heb ik een abonnement op het zeslandentoernooi genomen. Wat een verademing! Het is een mooie en schone sport, waar tenminste respect voor de scheidsrechter en de tegenstander bestaat.” Luca Pancalli, baas van de voetbalbond, zegt jaloers te zijn: „Ik benijd de feestsfeer rondom de rugbywedstrijden en de supporters die kriskras door elkaar zitten zonder dat er iets misgaat”.
Vooralsnog is rugby een ondergeschoven kindje. Topspelers verdienen ongeveer een ton, negen keer zo weinig als de gemiddelde Serie A-voetballer. De beste rugbyspelers wijken dan ook uit naar Frankrijk en Engeland. Er wordt weinig gedaan aan het opleiden van talentvolle jeugd. Kennis moet uit het buitenland komen. De huidige bondscoach, Pierre Berbizier, is een Fransman. En de thuisbasis van de nationale ploeg is het Flaminiostadion in Rome, dat oud en met 25.000 plaatsen relatief klein is.
Vanmiddag nemen de Italianen het op tegen de Ieren. De wedstrijd is live op televisie. Het stadion is uitverkocht. In Rome en Milaan kunnen liefhebbers de wedstrijd ook volgen op tv-schermen op grote pleinen. Na deze afsluiter van het zeslandentoernooi zal de nationale rugbyploeg pas in september weer aantreden, voor het wereldkampioenschap. Dan zal blijken of de huidige populariteit slechts een Italiaanse avontuurtje was of dat hier sprake is van ware liefde.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.