Irak, de executie van Saddam en de tweespalt in de islam tussen sjiieten en soennieten spelen ineens volop mee in de interne Palestijnse strijd.
De Palestijnen zijn soennieten. Fatah, een Palestijnse nationale beweging en de partij van president Abbas, werpt zich plotseling op als de vertegenwoordiger van de soennitische islam. Zij beschuldigt de Hamas van verraad aan de Palestijnse zaak vanwege haar nauwe banden met het sjiitische Iran.
’Sadari’, zo betitelt de Fatahpers deze dagen de rivalen van Hamas. Het is een vervloeking, want Sadari staat voor de volgelingen van de Iraakse sjiitische leider Moektada Sadr. Dezelfde volgelingen die onder het aanroepen van de naam van hun leider de executie van Saddam Hoessein zouden hebben gekaapt.
In Palestijnse kring werd (en wordt) Saddam aanbeden, hij gold als een van de weinige Arabische leiders die voor de Palestijnse zaak opkwam en zijn raketten op Israƫl afvuurde.Sadr en zijn volgelingen daarentegen zijn gehaat als de aartsrivalen van de soennitische Irakezen, de handlangers van Iran, en nu ook nog de beulen van Saddam.
Fatah, dat in een machtsstrijd is gewikkeld met Hamas, heeft het meteen als wapen in de strijd aangegrepen. Want Hamasleiders reizen regelmatig naar Iran om daar hun koffers met geld te vullen, als remedie tegen de internationale boycot. Premier Hania moest zich dan ook in onmogelijke bochten wringen toen hij de executie van Saddam veroordeelde, terwijl zijn vriend, de Iraanse president Ahmadinejad, zich er vol lof over toonde.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.