Hij klinkt als een man die het onherbergzame pad van het leven meermalen heeft bewandeld. Toch is de Schotse zanger Paolo Nutini pas negentien jaar. Samen met zijn opa heeft hij de kracht van zijn stem ontdekt. Nu is de rest van de wereld aan de beurt.
Zijn ouders hadden een plan voor hem. Hij zou op een mooie dag de fish & chips-winkel, die al door twee generaties Nutini werd gerund in zijn thuisstad Glasgow, van zijn vader overnemen. Maar de jonge Paolo had andere plannen, hij wilde rockster worden.
Pa en ma Nutini lachten om zijn gekke jongensdromen, maar opa Nutini geloofde in hem en stimuleerde hem om meer te gaan zingen. Begeleid door het pianospel van zijn opa ontwikkelde Paolo een mooie, rauwe zangstem. De frituurdampen waarin de jonge zanger zijn hele leven in rondwaarde, hadden hem, naast een afkeer van gebakken vis, ook een doorrookt stemgeluid gegeven.
Zijn ouders keken verbaasd op toen Paolo op een dag thuiskwam met de mededeling dat hij een contract aangeboden had gekregen. Hij had in een pub opgetreden waar toevallig iemand van een platenmaatschappij aanwezig was en die had hem direct gevraagd om naar het hoofdkantoor te komen. De rauwe rock, de gevoelige ballads en de warme, levendige stem van Nutini vielen in goede aarde. Die gekke jongensdroom werd waarheid, en zijn eerste album ’These Streets’ een regelrecht succes.
Nu zit hij hier in Amsterdam, met een grote eigenwijze grijns op zijn gezicht. Een ster in Groot-BrittanniĆ«, op tournee geweest met The Rolling Stones, jamsessies gespeeld met nieuwe helden als The Kooks en The Killers en een enthousiaste en uitverkochte Melkweg platgespeeld. „Ik ben nieuw, kom net kijken, zeggen veel mensen. Maar ik heb hard gewerkt, hoor. Die nummers hebben zichzelf niet geschreven, snap je. Het is wel vreemd om te zien wat er nu met me gebeurt. In Engeland noemen ze mij een hype, soms ook wel de akoestische Arctic Monkey (lacht).”
Als klein kind luisterde hij samen met zijn opa naar oude soulplaten van Ben E. King, The Platters en Otis Redding. „Toen ik die muziek hoorde, gingen er bellen om mijn hoofd rinkelen. Ik vond het zo mooi, zo wonderschoon... het gevoel waarmee die gasten zongen. Dat hoorde je niet terug in de muziek die ik op de radio hoorde. Ik wilde ook zo’n prachtige diepe stem, vol emotie. Die platen wezen me de weg. Toch wist ik dat het hopeloos ouderwets zou zijn als ik a capella-zanggroepjes zou gaan vormen. En ik wilde ook niet de nieuwe Joss Stone zijn. Dus ik heb er mijn eigen draai aan gegeven.”
Zoals zijn achternaam doet vermoeden, is hij van Italiaanse afkomst, maar al vier generaties lang wonen de Nutini’s in het Schotse Glasgow. Toch voelt Paolo zich sterk verwant met ItaliĆ« en zijn tradities. „Mijn familie is erg belangrijk voor me. Ik mis thuis wel, nu ik zoveel onderweg ben. Ik heb een zusje van zestien en ik verbaas me er iedere keer weer over hoe volwassen ze wordt. We hebben een heel goede band en soms voel ik me schuldig dat ik er niet zo vaak als grote broer voor haar kan zijn. Ik wil haar graag beschermen, zeker nu ze een volwassen vrouw wordt.”
Paolo noemt zichzelf een moederskindje. Hij wil niet dat zijn moeder zich voor hem hoeft te schamen. Onlangs nog was Paolo betrokken bij een schandaal dat breed werd uitgemeten in de Britse (roddel)pers. Zelf ook nog wat naïef, had hij in een interview verteld over de stickies die hij wel eens rookte. Direct stonden de voorpagina’s gevuld met de wildste verhalen over verslavingen. Zijn moeder was erg overstuur. „Dat zijn zaken waarvan je niet wilt dat je moeder het weet of, erger, in de krant leest. Maar ik heb ervan geleerd, ik kan niet zomaar alles eruit flappen tegen de pers. Het is een harde les geweest.”
Inmiddels is Paolo in Groot-Brittanniƫ een bekendheid en met zijn knappe koppie is hij een idool. Hij heeft die x-factor waar zovelen naarstig naar op zoek zijn. Meisjes schreeuwen vooraan het podium bij zijn optredens, hebben posters van hem uit de tijdschriften gehaald, maar ook andere bands zien het talent van Nutini.
Zo belandde hij na een festival rond het kampvuur met de Britse band The Kooks. „We zaten gewoon wat te spelen en vermaakten ons prima. Opeens kwam er een man bij ons zitten die zei: ’Speel nog wat meer’. Was het dus gewoon Paul Weller! Een andere keer was ik in Amerika en daar heb ik mijn held Ben E. King ontmoet. Iemand had geregeld dat ik die avond met hem zou gaan eten. Nou, dat was echt de mooiste ervaring in mijn leven. Zat ik daar gewoon met de man die mijn leven richting gaf. Waanzinnig!”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.