*

 

Voorzitter rechters begrijpt vermaning Europees Hof niet

Door: redactie − 15/01/07, 00:00

amsterdam – Het is opmerkelijk en onbegrijpelijk hoe het Europees Hof in Straatsburg tot het oordeel kwam dat een twintiger uit Somalië niet mag worden uitgezet. Dat zei voorzitter A.H. van Delden van de Raad voor de Rechtspraak gisteren in het tv-programma ’Buitenhof’.

„Hier wordt naar mijn gevoel een nieuwe lijn uitgezet”, aldus Van Delden. Hij doelde op het feit dat in deze zaak de Raad van State is gepasseerd. De Somaliër heeft zijn klacht niet eerst voorgelegd aan de bestuursrechter, de Raad van State, maar is direct doorgegaan naar het Europees Hof voor de Rechten van de Mens. Van Delden begrijpt niet dat het hof in Straatsburg dat geaccepteerd heeft. Het hof zelf concludeerde dat een hoger beroep bij de Raad van State kansloos zou zijn.

In Straatsburg werd geoordeeld dat de asielzoeker niet mag worden uitgezet naar Somalië omdat hij daar het risico loopt onmenselijk te worden behandeld. In tegenstelling tot de gangbare praktijk in de Nederlandse vreemdelingenprocedure, stelde het hof dat de Somaliër niet hoeft aan te tonen dat hij persoonlijk zal worden aangepakt. Het is voldoende dat hij behoort tot een minderheidsgroep in Zuid-Somalië die wordt onderdrukt.

Van Delden verwacht dat de uitspraak gevolgen heeft voor andere asielzoekers die afkomstig zijn uit onderdrukte minderheden. „Ik neem aan dat de regering zich hier wat van aantrekt”, zei de voorzitter van de Raad voor de Rechtspraak, die de belangen van de gerechten in Nederland behartigt.

mailIcon print |