Lege winkelpanden die wachten op een nieuwe Blokker of Hema zijn kunstenaarscollectief VHDG een doorn in het oog. Je kunt ze ook gebruiken als tijdelijk kunstobject.
Het kunstenaarsinitiatief Voorheen de Gemeente (VHDG) – de stichting huist in een kerk, vandaar de naam – organiseert geregeld ’flossavonden’. „Mentaal flossen”, vertelt curator Kie Ellens, en doet alsof hij flost, maar dan tussen zijn oren. „Even de hersenen opschudden.”
VHDG, gevestigd in Leeuwarden, vormt een podium voor beeldende kunst in Friesland. Ze flossen ook wel eens op locatie, zoals tijdens de ’flossdrive’ in een parkeergarage. Een van de doelstellingen van de stichting is immers het inzetten van de stad als podium voor beeldende kunst. In hun recentste project ’Franchise’ zijn het leegstaande winkels die tijdelijk dienst doen als kunstobject.
’Franchise’ is een antwoord op de komst van alle Hema’s en Blokkers die ouderwetse speciaalzaken uit de winkelstraten verdringen. Maar ook al heeft zo’n franchise al beslag op een pand gelegd, meestal gaat er wat tijd overheen voor ze de ruimte ook echt betrekken. „Op zo’n B-locatie willen we tijdelijke kunstprojecten realiseren”, aldus Ellens.
Voor dit project zocht VHDG ook partners buiten Friesland. Zeven kunstenaarsinitiatieven nemen deel aan het project, dat precies als een franchise te werk gaat. „VHDG heeft een selectie gemaakt van acht kunstenaars, waaronder grote namen als Katharina Grosse en Liam Gillick. De afnemers, de deelnemende initiatieven, kunnen hieruit kiezen.”
Bij de ’Franchise’-vestigingen is het niet direct duidelijk dat het om kunst gaat. Deze aanpak illustreert de werkwijze van VHDG bij projecten in de openbare ruimte. Ellens: „Als je ergens een Bartje neerzet, weet iedereen: ’Dit is kunst’. ’Franchise’ kom je gewoon tegen. Dan hebben mensen ook geen vooroordelen.”
Van de acht deelnemers openden Den Haag, Utrecht, Heerlen en IJmuiden, die ook een dependance in Beverwijk heeft, al een franchise. Groningen, Leeuwarden en Breda zijn nog druk bezig met het vinden van ruimten. Op 7 juli opende het Departement voor Filosofie en Kunst in Assen (Defka) het werk ’Reoccupation, recuperation and endless renovation’ van de Britse kunstenaar Liam Gillick.
Adrie Krijgsman van Defka is maar gewoon gaan rondfietsen, op zoek naar een locatie. Uiteindelijk vond hij een leegstaande winkel in een gebied dat wacht op herconstructie. Defka koos voor de Britse kunstenaar Gillick, omdat zijn maatschappelijke betrokkenheid bij de meer filosofische gedachte van het initiatief past. Daarnaast vond ’Franchise’ aansluiting bij hun huidige tentoonstelling ’City Extensions’, over architectuur, kunst en openbare ruimte.
„We wilden een eyecatcher in die winkel, en daar heeft Gillick voor gezorgd”, zegt Krijgsman. De Brit heeft levensgrote cartoons gemaakt, die op zo’n zestig centimeter afstand van de winkelruit zijn geplaatst.
„Voor de inrichting van het pand heeft Gillick zich opgesteld als een projectontwikkelaar. Het lijkt net of hij daar een lapmiddel voor een toekomstige gamewinkel heeft neergezet”, vertelt Ellens. Ook het onderwerp van de cartoon is van toepassing op het pand. „De strip gaat over een fabriek die gesloten moet worden. De personages in de strip vragen zich af of ze actie moeten ondernemen of niet”, vertelt Krijgsman.
Bij de uitvoering van zijn opdrachten gaat Gillick als een kameleon op in zijn omgeving. Voor ’Franchise’ eigende hij zich de rol van een pr-bedrijf toe. Hij werkt vanuit zijn woonplaats New York, waar Krijgsman getekende plattegrondjes van de winkel heen stuurde.
Gillick doet alles vanachter zijn computer; een atelier heeft hij niet meer. Galeries en opdrachtgevers laat hij zijn bestanden uitprinten. Zelf verschijnt hij pas op de opening van exposities van zijn werk. Voor het werk in Assen vroeg de kunstenaar Krijgsman een reep van de uitgeprinte strip naar New York te sturen, zodat hij kon controleren of de kwaliteit wel goed genoeg was.
De deuren van de ’Franchise’-panden blijven bewust gesloten. „Het gaat niet over een nieuwe winkel, maar over een dichte winkel”, zegt Ellens. „De winkel wordt het werk, je moet het kunnen beleven zonder het pand binnen te gaan. Daar hebben we bij het uitzoeken van de kunstenaars rekening mee gehouden, want dat heeft veel consequenties voor het werk.”
De aard van het project is met opzet tijdelijk. „Winkels waar zo’n keten in komt, staan ook nooit lang leeg. Vestigingen hebben tot eind augustus de tijd om te exposeren, en moeten dus voor die tijd een geschikte locatie vinden.”
’Franchise’ is ook een persiflage op de door de overheid gestimuleerde combinatie ’kunst en ondernemerschap’. Het project is er een letterlijke opvatting van, maar neemt het ook op de hak.
Veel moet Krijgsman niet hebben van dat ondernemerschap „als dat inhoudt dat kunst aantrekkelijker en leuker gemaakt moet worden om zo meer publiek te trekken”.
Toch kwam de ondernemer in hem boven toen er bepaald moest worden op welke datum zijn ’Franchise’ geopend moest worden. Hij plande de installatie van het werk van Gillick zo dat het werk mee kon profiteren van de 100.000 bezoekers voor de motorraces op het TT-circuit in Assen.
„Ik vind het belangrijk toevallige passanten met kunst te confronteren; ik wil mensen laten kijken.” Zouden de raceliefhebbers interesse hebben gehad? „Al was het maar voor drie of vier seconden.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.