Eén ruzie tussen Rusland en een buurstaat, en West-Europa zit zonder olie of gas. Die angst steekt opnieuw de kop op, nu het olietransport via Wit-Rusland is stilgevallen. En Europa kan niet zonder Russische energie.
Vriendschap (droezjba in het Russisch), heet de pijpleiding van Rusland via Wit-Rusland naar Polen en Duitsland. Maar deze vriendschap, in de vorm van meer dan een miljoen vaten Russische olie, is stilgevallen. De Russische olie-exporteur Transneft heeft de kraan dichtgedraaid, omdat Wit-Rusland olie aftapte die bestemd was voor Polen en Duitsland. De Wit-Russen eisen een hogere transportvergoeding, die de Russen weigeren te betalen.
Hoe lang de ruzie tussen Rusland en Wit-Rusland nog duurt, is niet te voorspellen. Een Wit-Russische delegatie kon gisteren in Moskou nog weinig voor elkaar krijgen. In feite draait het om een politiek conflict, waarbij de Russische president Poetin zijn Wit-Russische collega Loekasjenko keihard heeft laten vallen. Niemand betwijfelt dat Rusland de strijd zal winnen, maar Wit-Rusland kan nog flink dwarsliggen – al was het maar omdat Loekasjenko zich niet drukmaakt om de betrekkingen met andere landen.
Polen en Duitsland moeten hun olie voorlopig dus ergens anders vandaan halen. De Polen hebben nog een noodvoorraad die goed is voor enkele maanden. De Duitsers kunnen ook via andere wegen aan olie komen, bijvoorbeeld per schip. Zij hoeven hun noodvoorraden nog niet aan te spreken.
De meeste Russische olie komt per schip naar West-Europa, bijvoorbeeld naar Rotterdam. Ongeveer een vijfde van alle Russische export komt via de vriendschapspijpleiding. Zolang de schepen varen, hoeven de meeste Europeanen zich dus geen zorgen te maken over de aanvoer van Russische olie.
Ook de internationale handel lijkt zich weinig zorgen te maken over de ruzie tussen Rusland en Wit-Rusland. De olieprijs steeg maandag even, na het bericht van het dichtdraaien van de pijpleiding, maar gisteren zakte de prijs weer weg. Vooral het warme weer zet de olieprijs onder druk. De wereld gebruikt nu minder gas en olie voor verwarming dan gebruikelijk in de winter, en de voorraden zijn groter dan nodig. Het oliekartel Opec hoopt de prijs te steunen door de productie te beperken, maar weet de lidstaten nog niet op één lijn te krijgen.
Kortom, zorgen over een koude winter lijken overdreven. De benzine zal voorlopig niet op de bon gaan, zoals tijdens de oliecrisis van meer dan dertig jaar geleden. Ook al draaien de Russen de kraan dicht, er is wereldwijd genoeg olie te koop en die wordt nog goedkoper ook. Deze redenering gaat op de korte termijn wel op, maar op den duur komen we er niet zo gemakkelijk vanaf. Want de Europese oliegebruikers hebben Rusland hard nodig, en die afhankelijkheid zal alleen maar toenemen.
Rusland, na Saoedi-Arabië de grootste olieproducent ter wereld, is nu goed voor circa een derde van de totale behoefte in West-Europa. Dat aandeel zal de komende jaren stijgen, zo verwachten deskundigen. De West-Europese olieproductie, nu nog iets groter dan de import uit Rusland, neemt vooral in het Noordzeegebied af. Noorwegen en Groot-Brittannië, de twee grootste producenten in deze regio, zien de opbrengst al jaren teruglopen. De Britse olieproductie is sinds 1999 met meer dan eenderde gedaald.
Op dit moment importeert Europa bijna twee derde van het totale olieverbruik, in 2030 zal dat 80 tot 90 procent zijn. Of die groeiende behoefte gedekt kan worden met olie uit het Midden-Oosten of Afrika, is nog maar de vraag. Veel oliedeskundigen vermoeden dat ook de productie van een aantal grote Arabische olievelden de komende jaren zal afnemen.
Over de toestand van de Russische olie- en gasvelden bestaan ook zorgen, maar met meer investeringen moeten die nog vele jaren kunnen produceren. Het is onzeker of die er wel komen, want de Russen doen de laatste tijd hun uiterste best om westerse bedrijven af te schrikken. Zo heeft Shell onder zware druk het Russische staatsbedrijf Gazprom een meerderheidsbelang moeten toestaan in het enorme gas- en olieproject Sachalin II.
Maar ondanks deze Russische manoeuvres, die het investeringsklimaat veel onaangenamer maken, staan de westerse geldschieters nog altijd klaar. Want kansen om nieuwe olie- en gasvelden aan te boren, zijn overal ter wereld zeldzaam. Bovendien hebben de Russen, dankzij de hoge olieprijs van de afgelopen jaren, zelf geld genoeg om nieuwe investeringen te doen. Ze zullen wel moeten, willen ze de olie- en gasinkomsten op peil houden.
De Europese Commissie is zich bewust van de toenemende afhankelijkheid van het buitenland. Niet alleen wat olie betreft, maar ook voor het gas. Daarom komt de commissie vandaag met een plan voor de toekomst van de energie in Europa. Duurzame bronnen, zoals wind en water, zullen steeds meer energie moeten leveren. En ook kernenergie hebben we voorlopig nog nodig, zal de commissie waarschijnlijk betogen.
Ook met deze mooie plannen zal Europa voorlopig zeker niet zonder Rusland kunnen. Eén geruststelling is er wel: de Russen kunnen ook niet zonder hun Europese afnemers. West-Europa betaalt veel meer voor Russisch olie en gas dan de buurlanden die vroeger tot de Sovjet-Unie behoorden. Dus zullen de Russen eerder die buren in de kou zetten dan de klanten in West-Europa.
De opkomst van China als grootverbruiker van energie kan wel een bedreiging zijn voor Europa. Het Kremlin heeft ook al gedreigd meer olie en gas te gaan verkopen aan de Chinezen, maar de bestaande pijpleidingen zijn niet zomaar te verleggen. En dus zullen zij de contracten met Europa ook niet zomaar verbreken.
Het conflict met Wit-Rusland is daarom niet in het belang van de Russen. Het zorgt voor onzekerheid en dat is nadelig voor alle partijen. Rusland heeft die onzekerheid wel zelf in de hand gewerkt, en niet voor het eerst, door plotseling fors hogere prijzen te vragen voor olie en gas. Een jaar geleden protesteerde Oekraïne tegen hogere Russische gasprijzen, nu is dat Wit-Rusland.
Er zijn nog meer voormalige Sovjet-republieken die dwarsliggen. Azerbeidzjan levert geen olie meer aan het grote buurland, ook uit protest tegen hogere gasprijzen. De Azeri’s hebben veel olie en kunnen die sinds kort ook buiten Rusland om verkopen, via een pijpleiding naar Turkije. Voor Europa biedt deze pijpleiding een welkome extra aanvoerlijn.
Zorgen voor voldoende verschillende wegen om aan olie en gas te komen, lijkt voor de Europese Unie ook de beste strategie. Dan zijn consumenten en bedrijven niet voor één gat gevangen als er ergens problemen optreden. De meeste olieproducerende landen liggen in politiek onrustige regio’s en dus kunnen er altijd haperingen ontstaan in de leveranties. De afnemers zullen zich daarop moeten voorbereiden.
De EU kan er natuurlijk ook voor kiezen om de verslaving aan olie af te zweren, zoals Zweden dat heeft gedaan. Het Scandinavische land wil vanaf 2020 zonder olie in zijn energiebehoefte kunnen voorzien. Biobrandstoffen spelen in dit plan een hoofdrol. Zweden kan daarbij gebruikmaken van veel bijproducten uit de papierindustrie.
Voor de meeste Europese landen is het een stuk lastiger om de olieverslaving te overwinnen. Ze hebben minder ruimte om de bio-gewassen te verbouwen en meer grote steden en industrie die veel energie nodig hebben.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.