*

 

OM wil in zaak-Endstra notarissen horen

door Hélène Butijn − 05/01/07, 00:00

Het Openbaar Ministerie wil dat in het onderzoek naar de afpersing van de later vermoorde Willem Endstra een notaris en een kandidaat-notaris worden gehoord. Hun verschoningsrecht is niet onaantastbaar, nu Endstra ’zeer vermoedelijk’ onder druk een schuldbekentenis heeft getekend.

Het OM stuitte op de notarissen bij het financiële onderzoek naar de afpersing van Endstra door Willem Holleeder en de zijnen. Endstra zou in 2003 op hun kantoor een akte hebben getekend waarin stond dat hij een schuld van 10,6 miljoen euro had aan vastgoedman Dirk-Jan P. Die schuld zou zijn gefingeerd, om te verhullen dat Endstra werd afgeperst. De notarissen hebben geweigerd op vragen van de politie te antwoorden. Endstra zou tussen 2002 en 2004 in totaal 17 miljoen euro onvrijwillig aan P. hebben betaald.

Hoe ver de geheimhoudingsplicht of het verschoningsrecht van notarissen, advocaten en hun medewerkers reikt, was gisteren ook twistpunt tussen de advocaat van Holleeder, Bram Moszkowicz, en het OM. Moszkowicz meent dat rechercheurs ten onrechte een voormalige secretaresse van zijn kantoor hebben verhoord. De secretaresse vertelde dat Holleeder samen met medeverdachte Maruf M. in een kamer in het kantoor Endstra zouden hebben bedreigd. Volgens Moszkowicz heeft ze daarmee haar geheimhoudingsplicht geschonden en mogen haar verklaringen niet meetellen voor het bewijs.

Maar volgens het OM valt niet alles dat in een advocatenkantoor gebeurt, onder die plicht. De secretaresse vertelde slechts over de kamer als ontmoetingslokaal, en dat raakt niet aan de – beschermde – relatie tussen raadsman en cliënt. De rechtbank beslist vandaag of de verklaringen van de ex-secretaresse worden meegewogen.

Gaande de zitting reageerden officier van justitie Koos Plooij en Moszkowicz steeds stekeliger op elkaars uitlatingen. De advocaat beschuldigt rechercheurs van de Criminele Inlichtingen Eenheid (CIE) van de Amsterdamse politie ervan dat ze Endstra op het idee hebben gebracht om Holleeder te laten vermoorden. De onderzoeksrechter heeft de banden opnieuw afgeluisterd van de gesprekken die Endstra voor zijn gewelddadige dood met de CIE voerde. Uit passages die nu aan het transcript zijn toegevoegd, blijkt volgens Moszkowicz dat de nationale recherche vooringenomen was, en uit op ’het bloed van Holleeder’. Ook zouden ze hem ’laffe hond’ hebben genoemd.

Plooij spreekt fel tegen dat rechercheurs de suggestie zouden hebben gedaan Holleeder te laten ombrengen. „Hier worden politiemensen door het slijk gehaald.”

mailIcon print |