*

 

De vorm bepaalt de grens van de spiritualiteit

Van onze verslaggever − 26/11/07, 00:00

Een gesprek afgelopen vrijdag in Café Meer! besloot de Maand van de Spiritualiteit en ging daarom over de grenzen van de spiritualiteit.

’Nee, de oerbron zit niet in onszelf,’’ zei filosofe Karin Melis tijdens de eerste avond van Café Meer! Met deze stelling reageerde ze op het interview dat prinses Irene donderdag gaf aan deze krant.

Prinses Irene zei in dat gesprek dat het onmogelijk is die oerbron precies te definiëren. Maar had ze vroeger het idee dat die bron buiten haarzelf lag, nu „voel ik het ’íets’ dichtbij en in mijzelf aanwezig”. Juist dat fragment trof Melis.

Het gesprek in Café Meer! besloot de Maand van de Spiritualiteit en stond daarom in het teken van de grenzen van de spiritualiteit.

„Als de oerbron echt in onszelf zit,” zei Melis, „en wij blijven ook bij onszelf, dan dreigt spiritualiteit te verzanden in egoïsme.”

Karin Melis trad zelf in 2002 toe tot rk kerk, wat niet betekent dat ze de leer van Rome van a tot amen beaamt. Integendeel, ze loopt telkens tegen de grenzen van haar kerk aan, of het nu de communie betreft – „stuitend, wie belijdt er nou iemands dood?” – of het gebrek aan sensualiteit in de kerk, waardoor vele gelovigen zich overgeven aan buitenkerkelijke spiritualiteit.

Maar tijdens de discussie in Café Meer! brak ze toch een lans voor de rk kerk. „Wij zijn allemaal geboren uit een moeder. Wij zijn dus allemaal betrokken op een ander, van geboorte af aan. Spiritualiteit zal daarom ook altijd betrekking moeten hebben op de relatie met iets of iemand anders. Wij staan in verhouding tot – ja, tot wat, dat is de zoektocht.”

Waarom ze de rk kerk bij die zoektocht betrokken heeft? Melis: „Omdat daar spiritualiteit is ingebed in eeuwenoude verhalen en tradities, zoals de eucharistie.”

Schermen met de traditie gaat voormalig hoofdredacteur Paul Breekveld te ver. Eind jaren zeventig bedacht hij het blad ’Onkruid’, waarin jarenlang alles wat met new age te maken had een plek vond. „Oosterse meditatie”, zei hij tegen Melis, „kan bogen op een traditie die minstens zo respectabel is als de christelijke. De oorsprong daarvan ligt in het Oosten, de oorsprong van uw geloof iets minder in het Oosten. Zo groot is het verschil niet.”

Breekveld meende ook dat we de grenzen van de spiritualiteit niet te eng moeten bepalen. „Eeuwenlang hebben de kerken rigide grenzen getrokken. Dit was als spiritualiteit acceptabel, dat niet. En de wil van de kerk was wet. Dat is verleden tijd, de ramen zijn opengezet. Daar moeten we blij mee zijn.”

Toch kwam de eucharistie later op de avond nog een keer om de hoek kijken, toen dichteres Maria van Daalen aan het woord was.

Van Daalen kwam eerder dit jaar in de publiciteit omdat ze vrijwel gelijktijdig toe wilde treden tot de rk kerk én voodoopriesteres in Almere werd. „Daarmee werden de grenzen van de spiritualiteit niet overschreden, welnee. Waar het om gaat in het leven, is het maken van keuzes. Morele keuzes. Hoe kan ik goed leven? Waar het om gaat bij de beleving van spiritualiteit, is vorm geven aan die keuzes. In een ritueel, als zinvolle vormgeving. Je kunt niet zomaar wat doen.

Heel veel moderne spirituele richtingen kenmerken zich door oeverloosheid, ze maken er een rommeltje van. De eucharistie in de katholieke kerk is net zoals de voodoorituelen aan strikte regels gebonden.

Het ritueel moet nauwgezet uitgevoerd worden, in het voltrekken van de handelingen verschuilt zich de spiritualiteit, daar kan zij wonen.

Zo is het de vorm die de grens van de spiritualiteit bepaalt.”

mailIcon print |