*

 

Oriënteren begint al in de derde klas

door Hanne Obbink − 20/01/07, 00:00

Op de Purmerendse Scholengemeenschap (PSG) begint de zoektocht al in de derde klas. Welke studie wordt het straks? Sommigen weten het meteen.

’Een uur duurt lang, als het je niet boeit”, zucht een leerlinge van de Purmerendse Scholengemeenschap (PSG). Zij heeft net een uurtje voorlichting over commerciële economie achter de rug op de studie- en beroepsvoorlichtingsavond van haar school.

Eerder die avond heeft ze zich laten informeren over de hotelschool in Leeuwarden. „Dat lijkt me wel wat. Ik vind het leuk om van alles te regelen”, zegt ze tegen haar moeder. Die geeft haar gelijk. „Daar ben je echt het type voor.”

Veel leerlingen – én hun ouders – lopen zoekend en twijfelend rond. Zeshonderd havo- en vwo-scholieren zijn afgekomen op de voorlichtingsavond. Zo’n dertig hogescholen en universiteiten uit heel Nederland hebben er hun mensen op afgestuurd om aankomende studenten te vertellen wat ze kunnen verwachten als ze kiezen voor een studie aan hun instelling.

Madeleine Smith volgde een bijeenkomst over de studie rechten. Ze weet nu „voor 99 procent zeker” dat ze rechten wil studeren. „De waarheid boven tafel krijgen, dat lijkt me interessant”, zegt ze. Haar moeder is advocate, en dat wil Madeleine ook worden. Of anders gaan werken in de diplomatieke dienst, zoals een oom van haar. „Dat wereldje boeit me erg.”

Ook psychologie heeft Madeleine, nu nog vijfdeklasser op het vwo, overwogen. „Maar ik heb misschien toch minder aanleg voor dat heel diepe”, zegt ze. „En ik vraag me af of je er een baan mee vindt. Die studie is nu heel populair. Maar wat als de welvaart straks misschien minder wordt en mensen geen geld meer hebben om een psycholoog te betalen?”

Ook Farah Eslami (6 vwo) weet wat ze wil: tandarts worden. Dat wist ze al op haar zesde, zegt ze. „Voor mij is dat altijd de reden geweest om hoge cijfers te halen, zodat ik naar het vwo kon.” Dat lukte, maar vervolgens ontdekte ze dat ze weinig talent had voor de exacte vakken – en die zijn voor een studie tandheelkunde wel vereist.

Maar Farah heeft het nog niet opgegeven. Ze koos voor het profiel (zeg maar: vakkenpakket) cultuur & maatschappij en ze is van plan na haar examen een jaar lang volwassenenonderwijs in de exacte vakken te volgen. Zo hoopt ze toch nog toegang te krijgen tot haar droomstudie.

Vanwaar die droom? „Vanwege het praktische ervan. Ik hou van dat fijne werk met je handen – ik speel ook piano. En er zit ook een sociale en een medische kant aan, dat vind ik ook boeiend.”

Daarnaast speelt ook de zekerheid van een baan een rol, vertelt Farah. „Een hoog salaris vind ik niet zo belangrijk, maar ik wil niet studeren om daarna werkloos te worden.” Jawel, ze beseft dat haar plan kan mislukken, ook al omdat er voor tandheelkunde geloot moet worden. Daarom denkt ze nog na over een tweede keus.

De voorlichtingsavond is maar één van de mogelijkheden die leerlingen van de PSG krijgen om zich te oriënteren. „Veel leerlingen vinden het ingewikkeld; je kunt ook zóveel kanten op”, zegt Henk de Koning, decaan aan het Da Vinci College, een van de twee havo- en vwo-scholen die deel uitmaken van de PSG. Daarom krijgen zij er ook de tijd voor. Ze beginnen al in klas drie, als ze een profiel moeten kiezen, en vervolgens wordt er in alle volgende klassen opnieuw aandacht aan besteed. „Ik raad leerlingen altijd aan er veel tijd in te steken”, zegt De Koning. „Zo’n studiekeus moet echt rijpen.”

„Sommige leerlingen hebben zich zo vastgepind op één studie dat ze niet meer rondkijken wat er nog meer te koop is”, zegt Hennie van der Kolk, decaan op de tweede PSG-school voor havo en vwo, het Jan van Egmond. „Zulke leerlingen probeer ik te prikkelen om toch verder te kijken. Want als je dat niet doet, krijg je daar later misschien spijt van. Ook al omdat deze leerlingen zich vaak fixeren op opleidingen voor piloot of arts of iets dergelijks, opleidingen dus waarvan het maar de vraag is of ze er toegelaten worden.”

Ook over een keus voor een massastudie is Van der Kolk vaak wat sceptisch. „Neem rechten. Dat wordt nogal eens gekozen omdat het nu eenmaal een bekende studie is. Het is vaak een vluchtweg. Wie het niet weet, kiest dan maar rechten. Bij zo’n studiekeus vraag ik dus altijd door. Prikkelende vragen stellen, dat probeer ik altijd wel.”

Zoek een studie die je leuk vindt, zo luidt het algemene advies dat De Koning en Van der Kolk aan hun leerlingen geven. „Je moet het minstens vier jaar volhouden zonder dat er hard aan je getrokken wordt, zoals hier op de middelbare school”, zegt De Koning. „Dus kun je maar beter kiezen voor een opleiding waarvan de inhoud je interesseert.”

De meeste leerlingen doen dat uit zichzelf al, zo is de ervaring van de beide Purmerendse schooldecanen. Jawel, er is wel eens een leerling die vooral snel veel geld wil gaan verdienen. „Maar”, zegt De Koning, „dan wijs ik er altijd op dat dat alleen lukt als je goed bent in je vak.”

En de werkgelegenheid? „Dat speelt wel mee, maar wij komen niet veel leerlingen tegen die vooral op grond daarvan een opleiding kiezen”, zegt De Koning. „Als een opleiding echt weinig kans op werk biedt, moet je je leerlingen daar wel op wijzen”, voegt Van der Kolk daaraan toe.

„Maar goed, de arbeidsmarkt is zó in beweging. Tussen de tijd dat leerlingen zich beginnen te oriënteren op hun loopbaan en het tijdstip van afstuderen, ligt minstens zes jaar. Dus tja, wat valt er dan eigenlijk over de kans op werk te zeggen?”

mailIcon print |