Defensie komt mensen tekort. Daarom besloot minister Van Middelkoop geen kruisraketten te kopen, maar het geld vrij te spelen voor werving van personeel.
Lichte paniek in het orkest van de Koninklijke luchtmacht. Middenin de toernee ’Beatles in concert’ komt het bericht binnen dat het orkest militairen moet leveren voor de missie in Uruzgan. Uiteindelijk blijkt het mee te vallen: misschien in 2008. De Beatles-tournee komt niet in gevaar. Maar dat zelfs een muziekgezelschap mensen voor ’Uruzgan’ moet leveren, laat wel zien hoe krap Defensie in haar personeel zit.
Minister van defensie Eimert van Middelkoop besloot deze week om af te zien van de aankoop van dertig kruisraketten. De 70 miljoen euro die hij daarmee bespaart, wil Van Middelkoop inzetten voor personeel. Om dezelfde reden overweegt hij ook om bestaand materieel af te stoten, zoals F16-gevechtsvliegtuigen, tanks en pantserhouwitsers.
„We hebben moeite om personeel te werven en vast te houden. Werknemers verdwijnen momenteel makkelijker naar de arbeidsmarkt”, aldus de minister. Zeker in de huidige economische hoogconjunctuur komen Defensie-medewerkers makkelijk aan een burgerbaan. Ze zijn goed opgeleid, gewend om in een structuur te werken en kunnen na en uitzending ook mentaal tegen een stootje.
Het is de vraag of extra geld alleen voldoende zal zijn om de gelederen beter gevuld te krijgen. Militairen op uitzending krijgen een uitzendtoelage van 70 euro per dag. Vier of zes maanden in den vreemde leveren een flink bedrag op, maar veel militairen besluiten juist vanwege een uitzending Defensie te verlaten.
Vliegers en technici van de Apache-gevechtshelikopters bijvoorbeeld zijn inclusief oefeningen in de Verenigde Staten soms wel negen tot tien maanden per jaar van huis. Omdat ze de konvooien moeten beveiligen, gaan de Apaches als eerste naar het missiegebied om er als laatste te vertrekken. „Dat is een forse belasting, ondanks dat mensen het hier wel naar hun zin hebben”, zegt vlieger Martin op Kamp Holland in Uruzgan. „Zo lang je vrijgezel bent, is het nog wel te doen, maar als je eenmaal getrouwd bent en kinderen hebt, zijn er zat techneuten en vliegers die vanwege de uitzenddruk weggaan.”
Sinds de val van de Berlijnse Muur in 1989 is het zwaartepunt voor de Nederlandse krijgsmacht verschoven van landsverdediging naar het meehelpen aan handhaving van de internationale rechtsorde. De missie in Uruzgan vormt daarvan het voorlopige hoogtepunt. En al heeft minister Van Middelkoop - zeer tot verdriet van zijn voorganger Kamp - besloten om geen kruisraketten te kopen, Nederland speelt militair gezien „absoluut in de Champions league”, zegt commandant Hans van Griensven van de Nederlandse troepen in Uruzgan. „We hoeven voor niemand onder te doen.”
Maar het wordt wel steeds moeilijker om voldoende mensen te vinden die bij Defensie willen werken. De lijst met acute knelpunten is moeiteloos aan te vullen: marechaussee, vliegers en technici van F16-gevechtsvliegtuigen en Chinook- en Cougar-helikopters, verkeersleiders, special forces, artsen, verpleegkundigen en genisten.
Het tekort aan technisch personeel voor de F16 is zo groot dat PvdA en VVD in de Tweede Kamer hebben voorgesteld om maar een aantal vliegtuigen af te stoten. De marine moet vanwege personeelsgebrek een mijnenjager aan de kade houden. Marineschepen gaan met een kleinere bemanning naar het Caribisch gebied. De vier onderzeeboten blijven als het even kan tijdens schoolvakanties aan de wal om het personeel te gerieven.
Nu gaat het nog om tekorten aan specialistische functies die in de burgermaatschappij beter worden betaald. Maar vakbonden van militairen waarschuwen dat dat veel breder in de krijgsmacht kan uitwaaieren. Uitzendingen zijn fysiek en mentaal zwaar en belastend voor het privéleven. Arbeidsvoorwaarden die het werken bij Defensie aantrekkelijk maakten, hebben hun langste tijd gehad. Een baan voor het leven is nog maar voor weinigen weggelegd. Als iemand geen zicht meer heeft op promotie volgt ontslag, het zogeheten up or out-systeem. De pensioenleeftijd gaat stapsgewijs omhoog naar 63 jaar, acht jaar later dan militairen gewend waren. De opeenstapeling van bezuinigingsmaatregelen kan volgens de bonden ondermijnend zijn voor de animo om bij Defensie te (blijven) werken. Bovendien stelt Defensie hoge eisen aan het gedrag van haar werknemers. Drank en drugs kunnen eigenlijk niet meer, ook niet in de vrije tijd.
De missie in Uruzgan trekt een zware wissel op de afgeslankte krijgsmacht (zie kader). Elke vier maanden wisselen 1400 militairen van plaats. Volgens het normale schema van opwerken, uitzenden en normale dienst moeten er tussen twee uitzendingen minimaal acht maanden zitten, maar in de praktijk lukt dat vaak niet. TFU-commandant Van Griensven: „We hebben iedereen nodig. Voor sommige onderdelen is het passen en meten; de druk is erg groot.” Over het al dan niet verlengen van de missie is kolonel Van Griensven duidelijk. „Dat is een politieke keuze. Je moet of je ambitie naar beneden bijstellen of meer middelen beschikbaar stellen.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.