Sinds een halfjaar staat tegen de gevel van de Heikese kerk in Tilburg een zware koperen ladenkast. Het meubel is een monument tegen zinloos geweld.
Wie zich geroepen voelt legt iets persoonlijks in de lade. Een gemeente-ambtenaar haalt de la dagelijks leeg en legt de inhoud zichtbaar achter (hard) glas boven in de kast.
Onder het motto ’200.000 harten, één gedachte: het geweld moet de stad uit’ werd de kast euro voor euro bij elkaar gecollecteerd, dwars door alle lagen van de Tilburgse bevolking. Hij is gemaakt door de Tilburgse kunstenaar Guido Geelen.
De ladenkast staat niet toevallig in Tilburg. Tien jaar geleden werd de term zinloos geweld – later verbeterd tot redeloos geweld – hier voor het eerst gebezigd bij de dood van Floris Sebregts. Tijdens een avond stappen werd de twintiger voor de deur van een kroeg neergestoken. Zomaar. Ook Justus Hertig en Bart Raaijmakers werden doodgestoken in deze Brabantse stad.
De mountainbike-helm van Floris Sebregts is een van de opvallende attributen in de kast. Ook staat er een foto van twee vrolijke jongens. Het zijn Frank en Polle Taminiau, kort voordat ze met een nekschot werden afgemaakt, omdat ze ongewild getuige waren van een afrekening in het criminele circuit. Een pamflet van Pim Fortuyn, door het vocht in de kastwand losgeraakt, ligt omgekruld ondersteboven. ’At your service’, is nog net leesbaar.
De kast herbergt veel meer dan alleen aanklachten tegen redeloos geweld. Gedichten, hartekreten, een bloem, alles – behalve bierblikjes en andere rommel die (soms) óók onderin de la belanden – legt de ambtenaar bovenin de kast. ’Ik mis je’, schrijft een kind haar overleden moeder. Kleindochter Demi schreef een kaartje ’voor de liefste opa’. Een gebroken hart: ’Waarom heb je mij zoveel pijn gedaan?’
Tragiek: ’Eens zal ik mijn dochter de waarheid vertellen wat haar halfbroer mij heeft aangedaan, papa’. En tot slot schoolkinderen: ’Wij vinden zinloos geweld heel stom. De groetjes’.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.