Theo Bos moest het antwoord schuldig blijven. De wereldkampioen sprint veroverde bij de baankampioenschappen in Alkmaar de titel op zijn favoriete onderdeel. Zijn zoveelste nationale titel. „Eerlijk gezegd ben ik de tel een beetje kwijt.”
Bos – het was zijn negende titel – is een klasse apart. Op mondiaal niveau, laat staan in de bescheiden Nederlandse baanwereld. Met Teun Mulder (tweede op sprint) en Tim Veldt (derde) heersen ze al jaren. „Het zou best fijn zijn als er een vierde sprinter zou doorbreken. Ze kunnen met ons meetrainen, maar dan moeten ze wel een bepaald niveau halen”, zei Bos, die Mulder in twee ritten voorbleef.
Patrick Bos en Yondi Schmidt vormen de jonge aanwas, maar ze moeten zich verbeteren om in aanmerking te komen voor een plek in de teamsprint. Bos zou het toejuichen als dat lukt. „Dan kan ik bij toernooien op dat onderdeel de eerste ronden overslaan.”
Makkelijk hebben de jonkies het niet. Bos: „Ze zouden kunnen denken; die drie halen we niet in. Maar dan heb je niet de juiste instelling. Ze krijgen nu faciliteiten die ik in mijn eerste jaren nooit gehad heb. Ik heb het vooral zelf uitgevonden.”
Bos duikt even in het lucratieve zesdaagsecircuit – net als Wim Stroetinga en Niki Terpstra, zaterdag winnaars van de koppelkoers – om via de laatste wereldbekerwedstrijd in Manchester naar het WK in Mallorca te werken. Het NK sloot hij af met twee titels.
Bij de vrouwen was Willy Kanis de grootverdiener. Drie titels eiste de Kampense op, deels ook omdat Yvonne Hijgenaar wegens ziekte ontbrak. „Jammer dat ze er niet was. Ik wil er graag voor strijden”, zei Kanis nadat ze op het onderdeel keirin van kop af naar de overwinning was gesprint. Dat kostte in ieder geval nog enige inspanning. Haar eerder behaalde titels op sprint en de 500 meter tijdrit werden behaald zonder serieuze concurrentie.
Het blijft behelpen met het vrouwenwielrennen op de baan, erkende ook bondscoach Peter Pieters. „De rensters van nu hebben een heel andere beleving dan Van Moorsel of Haringa. Dat is jammer. Je ziet het bij de juniorvrouwen; zijn ze op pad voor een groot toernooi, zitten ze om twaalf uur ’s nachts nog op het internet.”
Hijgenaar, Kanis en Adrie Visser – ze werd voor de vierde keer op rij kampioene op de puntenkoers – zijn al weer een paar jaar eenzaam aan de Nederlandse top. Kanis vertrekt mogelijk binnenkort uit het baanwielrennen. Fietscross, waarop ze regerend wereldkampioene is, wordt in 2008 toegevoegd aan het olympisch program. Lang was het voor haar duidelijk dat in die sport haar toekomst lag. Toch twijfelt Kanis, die de komende weken met Pieters en Bas de Bever, bondscoach van de fietscrossers, gaat praten.
„Een combinatie is geen optie. Ik zal moeten kiezen. Probleem bij het fietscross is dat je je als land moet plaatsen voor de Spelen en de top daarvoor in Nederland te smal is.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.