De vorming van één grote provincie is een slecht idee. Het opdelen van de Randstad in zes provincies haalt minder overhoop en verhoogt de effectiviteit.
Midden in de formatie van een nieuw kabinet komt de commissie onder leiding van Wim Kok met het advies om in de Randstad één nieuwe, sterke provincie op te richten. Zou het formatieteam op dat advies zitten te wachten?
We denken van niet. Het CDA heeft in zijn verkiezingsprogramma staan: „Het CDA is tegenstander van de vorming van een Randstadprovincie.” PvdA en ChristenUnie laten hun voorkeur in het midden. Het risico is dus groot dat er niets gebeurt. Weer een gemiste kans om de bestuurlijke problemen van de Randstad op te lossen.
De noodzaak is er zeker. Niemand heeft nog zin in de huidige regionale mengelmoes van vier provincies, vier stadsregio’s, twee vleugelconstructies en een paar handen vol met regionale verbanden van ’verlengd lokaal bestuur’. Bovendien moeten de uitdagingen die voor de gehele Randstad gelden, onder één bestuur vallen: de economische profilering op internationaal niveau; de bereikbaarheid over de weg, de spoorweg, het water en door de lucht; de wateropgave; de bouwontwikkeling. De Haagse politiek is zich, zonder dat het rapport uitgekomen is, er al tegen aan het verzetten. Er zitten dan ook grote – vooral emotionele – nadelen aan één Randstadprovincie.
Ten eerste: als een Randstadprovincie betekenis wil hebben, zal het gaan om een compleet ander orgaan dan de huidige provincies. Er zal een enorme disbalans ontstaan met de andere provincies en met de grote steden, en een zeer sterke positie ten opzichte van het rijk. Wij betwijfelen of de ambitie en bereidheid om deze noodzakelijke herverkaveling te bewerkstelligen aanwezig zijn.
Ten tweede: in het verlengde van de fusie van de Randstadprovincies ligt de noodzaak van een stevige herverkaveling van de gemeenten binnen die Randstadprovincie. Het opschalen van de omvang, ambities en daadkracht van de huidige provincies naar een Randstadprovincie vraagt over de hele linie sterkere gemeenten dan nu. Anders blijven we bovendien met alle hulpconstructies zitten, zoals de niet democratisch gelegitimeerde stadsregio’s. Van het huidige aantal van ongeveer 200 gemeenten kunnen er bij een Randstadprovincie niet veel meer dan 50 overblijven. Deze saneringsactie komt niet tot stand op basis van de wil van onderaf (zoals de Haagse politiek het graag ziet).
Er moet één bestuursorgaan komen om Randstedelijke problemen op te lossen, maar op deze manier zal dat niet lukken. Met een beperkte ingreep is echter een grote stap te maken: het omvormen van de vier al bestaande grootstedelijke regio’s in provincies. Schaalverkleining dus, in plaats van schaalvergroting.
Dat levert zes samenhangende provincies op, waaronder één voor het Groene Hart en één voor West-Friesland. Het Groene Hart heeft ten opzichte van het stedelijk gebied een eigen identiteit, maar ook voldoende kritische massa om een normale provincie te zijn. Zaken op Randstedelijk niveau kunnen tussen deze gelijkwaardige provincies geregeld worden, terwijl de natuurlijke positie van het rijk in stand blijft.
Juist door ervoor te zorgen dat de huidige regionale mengelmoes wordt omgevormd naar kleinere provincies met een normale wettelijke status, wordt een helder regionaal bestuur gecreëerd. Kleinere provincies, die hun identiteit ontlenen aan de grote steden en het Groene Hart, hebben de goede schaal en het goede takenpakket om ervoor te zorgen dat het Rijk en de vier grote steden hun taken effectief kunnen uitvoeren. Met een dergelijke eenvoudige ingreep wordt weinig overhoop gehaald, wordt de effectiviteit van het regionaal bestuur versterkt, en wordt recht gedaan aan de emoties van de andere provincies, het rijk, en de regio.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.