*

 

Kostunica moet kiezen tussen de EU en de Radicale Partij

door Iris Ludeker in Belgrado − 20/01/07, 00:00

De huidige Servische premier Vojislav Kostunica heeft na de verkiezingen vrijwel zeker de sleutel in handen tot een nieuwe regering.

Een ding moet je Vojislav Kostunica nageven, vindt analist Bratislav Grubacic. „Hij is er toch maar mooi in geslaagd om drie jaar een minderheidskabinet in het zadel te houden. Iedereen heeft hem onderschat.” Bovendien wijst veel erop dat de conservatief ook na de stembusgang van dit weekeinde de touwtjes in handen houdt.

Daarvoor hoeft zijn partij DSS niet eens de grootste te worden. Die strijd gaat, net als drie jaar geleden, tussen de op Europa gerichte Democratische Partij (links van Kostunica) en de nationalistische Radicale Partij (rechts van de premier). Als het op regeren aankomt, hebben zij Kostunica allebei hard nodig, want als de peilingen kloppen is er zonder hem nauwelijks een regering te vormen.

De vraag is dus welke kant Kostunica op gaat. Nadat de Europese Unie midden vorig jaar de voorbereidende gesprekken met Servië over lidmaatschap stillegde omdat het land te weinig zou meewerken bij het uitleveren van oorlogsmisdadiger Radko Mladic, sloeg Kostunica een steeds nationalistischere toon aan. Hij begon te klagen dat de EU hem onder druk zette over Mladic, en werd bovendien steeds eigenwijzer over de toekomst van Kosovo.

De premier kwam daarmee eigenlijk steeds dichterbij de Radicale Partij te staan, ook omdat die partij juist een wat gematigder gezicht toont. De radicalen zijn helemaal zo radicaal niet meer, vindt analist Grubacic. „Ze profileren zich niet meer zozeer als rechts-nationalistisch maar veel eerder als links-populistisch. Kosovo is niet langer hun belangrijkste thema, maar de strijd tegen corruptie en de georganiseerde misdaad.”

Daarmee sluiten ze aan bij de zorgen van hun kiezers, blijkt tijdens de laatste campagnebijeenkomst van de partij, eerder deze week in de Belgrado Arena. Bij de ingang zijn nog wel kalenders van Mladic en andere nationalistische parafernalia te koop, maar wat vooral opvalt is dat de radicale aanhangers uit zichzelf niet reppen over Kosovo of Groot-Servië (het idee dat alle Serviërs verenigd moeten worden in één land). Wel maken ze zich zorgen over corruptie, misdaad, werkgelegenheid en over het dure onderwijs.

Dat is dan ook waar het in de toespraken van de partijkopstukken over gaat: armoede, lage pensioenen en over hoe de radicalen dat allemaal beter gaan maken. Om hun gematigdheid nog eens te benadrukken, klinken er ook mooie woorden over etnische minderheden. De Europese Unie is best een acceptabele partner voor de partij. Zelfs vrouwenemancipatie komt even ter sprake.

Toch betwijfelt Grubacic of het de radicalen allemaal veel zal baten. Misschien worden ze weer de grootste partij, met weer zo’n 30 procent van de stemmen. Maar dat Kostunica met ze in zee gaat, lijkt onwaarschijnlijk. De Europese Unie heeft altijd duidelijk gemaakt dat met de radicalen aan het roer van een Servische toetreding geen sprake kan zijn. „De druk van de internationale gemeenschap op Kostunica om een regering te vormen met de Democratische Partij is enorm. Hij houdt weliswaar alle opties nog open, maar ik denk dat hij zal zwichten.”

mailIcon print |