*

 

E-Staatscourant

Nico de Fijter − 17/01/07, 00:00

De kans is groot dat een van de oudste kranten van Nederland verdwijnt. Op papier althans. De Staatscourant werd in 1814 in het leven geroepen door Willem I. De krant – die doordeweeks dagelijks verschijnt – heeft de wettelijke taak om ministeriële regelingen en algemeen verbindende voorschriften te publiceren. Pas als die regels in de Staatscourant zijn verschenen, hebben ze rechtsgeldigheid. Het zijn vooral ambtenaren, beleidsmakers, advocaten en notarissen die de krant lezen. Eigenlijk is het ook meer een vakblad dan een krant.

„Het is de krant die het meeste effect sorteert, want regels treden pas in werking als ze daarin zijn gepubliceerd”, zei toenmalig staatssecretaris Kohnstamm van binnenlandse zaken in 1997.

Kan zijn, maar desalniettemin gaat het niet best met de Staatscourant. De oplage daalt gestaag en is in de laatste zeven jaar zelfs meer dan gehalveerd: van bijna 13.000 exemplaren in 1999 tot zo’n 6.000 stuks in 2006. Eind 2005 werd besloten dat Nederlandse bedrijven niet meer verplicht zijn om een advertentie in de Staatscourant te plaatsen als zij hun jaarstukken deponeren bij de Kamer van Koophandel. Een fors verlies voor de krant: die verplichting leverde jaarlijks zo’n 12,5 miljoen euro op en zorgde voor flink wat paginavulling.

De nekslag voor de papieren editie van de Staatscourant volgt mogelijk later dit jaar. Het ministerie van binnenlandse zaken werkt aan een wetswijziging, die regelt dat de Staatscourant in het vervolg alleen nog maar op internet moet verschijnen. De Staatscourant heeft nu ook al een website en er zijn meer plaatsen op internet waar regelgeving terug te vinden is (www.overheid.nl, www.wetten.nl). Maar elektronische publicatie van die regels heeft geen rechtsgeldigheid. Dat gaat veranderen.

Internet, luidt de redenering bij het wetsvoorstel, is voor vrijwel iedereen toegankelijk en is goedkoop. Terwijl een jaarabonnement op de Staatscourant 335 euro kost. Nu nog betalen bestuursorganen die in de krant publiceren daarvoor jaarlijks zo’n 11,5 miljoen euro. Bij publicatie op internet kan dat worden teruggeschroefd naar 2,5 miljoen euro. Het publiceren van de Staatscourant op papier én op internet vindt Binnenlandse Zaken geen optie.

Wat de gevolgen voor de twintigkoppige redactie van de Staatscourant zullen zijn, is nog onduidelijk. „We zijn al aan het studeren op mogelijkheden om onze website interessanter te maken”, zegt Staatscourant-redacteur Maurits van den Toorn. „In de papieren editie doen we al lang meer dan alleen maar regelgeving publiceren. We doen aan duiding, geven context, maken interviews en schrijven af en toe een reportage. Toen we een tijdje terug bijvoorbeeld nieuwe regelgeving voor de binnenvaart publiceerden, is een van onze redacteuren een dag op een binnenschip meegevaren. Dat maakt zo’n nieuwe regel een stuk concreter. We moeten onderzoeken hoe we ook in de toekomst dat soort aanvullende stukken kunnen blijven schrijven.”

Maar als het wetsvoorstel wordt aangenomen – het ligt nu ter advies bij de Raad van State – kan dat niet meer: ’Nieuws, beschouwingen en advertenties die nu door de uitgever van de Staatscourant in dit blad worden geplaatst, worden in de elektronische versie niet meer opgenomen’.

„Dat de papieren editie verdwijnt en op internet verder gaat, is onvermijdelijk en ook wel te begrijpen”, zegt directeur Maarten Timmers Verhoeven van de Sdu. „We hebben er nog geen concrete plannen voor, maar we zoeken naar mogelijkheden om die context en duiding bij nieuwe regelgeving te kunnen blijven geven. Het is al treurig genoeg dat na bijna tweehonderd jaar de papieren variant verdwijnt.”

mailIcon print |