Vrouwen en kleine kinderen worden niet gespaard in het etnische geweld rondom provinciestad Eldoret. Kenianen van de grootste etnische groep, de Kikuyu, zijn massaal op de vlucht geslagen.
Opluchting en verwarring is te lezen in de ogen van de Nederlanders die gisteravond per vliegtuig zijn geĆ«vacueerd uit Eldoret. Daar is de geest van de haat uit de fles. Honderden mensen, met name Kikuyu’s, zijn vermoord en talloze huizen werden in de fik gestoken. De agressie richt zich tegen hen sinds de zwaar omstreden verkiezingszege van president Kibaki, die een Kikuyu is.
„In een ziekenhuis zag ik kinderen van nog geen twee jaar, helemaal verbrand maar nog in leven”, zegt Jurjen de Groot. Deze predikant werkt sinds twee jaar werkzaam in het gebied dat hij nu ontvluchtte met zijn gezin. „Buiten de stad begonnen meteen de wegblokkades. We wilden enkele mensen bezoeken die opgevangen waren in een kamp in Burned Forest, ten zuiden van Eldoret. Mannen gewapend met pijl en boog, messen en bijlen hielden ons aan en keken in onze auto om te zien of er Kikuyu’s zaten. Je zag de bloeddorst in hun ogen, jongeren, maar ook mensen met een stropdas en een colbertje aan”. De Groot vertelt dat de bendes zich hadden gegroepeerd en dat er leiders waren aangesteld. Hoe verder ze reden hoe erger het werd. „Op een plek zag ik drie doden langs de kant van de weg. Twee verkoolde lichamen zaten nog achter het stuur van een auto.”
In het opvangkamp zaten volgens De Groot zo’n 30.000 mensen op elkaar gepakt. „Het Rode Kruis weet gewoon niet wat het moet doen. Er is geen water, geen eten, geen dekens.
Mensen smeekten ons, ’kunnen jullie alsjeblieft teruggaan want onze vader en moeder konden we niet meenemen’ ”. Zijn stem stokt.
Eldoret zelf is geen schim meer van het normaal gesproken zo vredige provinciestadje. Volgens Jaco Weststrate, hulpverlener voor de organisatie African Care, is de sfeer er grimmig. „Tegen de avond zie je groepen jongeren gewapend met kapmessen op zoek naar Kikuyu. Die mensen zijn verjaagd van hun grond en proberen in de stad een veilig heenkomen te zoeken, in ziekenhuizen, kerken, politiebureaus. Heel moeilijk, want die gebouwen zitten vol.”
Op ongeveer een half uur rijden van Eldoret ligt Iten, waar het trainingscentrum van de Nederlandse hardloopster Lornah Kiplagat is gevestigd. Volgens verschillende bronnen zouden in de buurt van Iten tegen de duizend jongeren zich aan het groeperen zijn met het doel Kikuyu te gaan vermoorden. Helikopters van het leger zijn gesignaleerd, vermoedelijk om de situatie in de gaten houden. Twee Nederlandse atleten, die in Iten op trainingskamp waren, zaten ook aan boord van de evacuatievlucht. Vanuit Iten kregen ze een politie escorte. „Dat was wel nodig want onderweg waren er verschillende wegversperringen met honderden mensen eromheen”, aldus lange afstandsloper Matthijs Kunzel. „Die willen weten wie er in je auto zitten.”
Jos Creemers is het aanspreekpunt voor Nederlanders in de omgeving en tevens bedrijfsleider van een boerderij annex kindertehuis boven Eldoret. Iedere dag ziet hij zo’n vierhonderd bewapende zielen voor z’n boerderij bij een wegversperring. „We brengen melk naar ziekenhuizen onder militaire escorte.”
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.