*

 

Studie met bacterie leidt tot 24 doden

Joep Engels − 24/01/08, 00:00

Jaarlijks worden ruim 3.000 Nederlanders getroffen door een acute alvleesklierontsteking (pancreatitis). Eén op de vijf wordt ernstig ziek, en van deze ernstig zieke groep overlijdt ongeveer de helft, zo’n 300 personen ofwel 10 procent van het totaal.

De overlijdenskans is groter wanneer er infecties optreden met schadelijke bacteriën.

Uit eerdere, kleinschalige studies was gebleken dat een behandeling met probiotica dergelijke bacteriële infecties zou kunnen voorkomen. Probiotica zijn gunstige darmbacteriën die de groei van schadelijke bacteriën kunnen remmen. Daarom besloten onderzoekers om patiënten met pancreatitis te behandelen met probiotica. Deze werden direct, via een sonde, in de darmen ingebracht.

Het onderzoek werd dubbelblind uitgevoerd. Dat wil zeggen dat de helft van de patiënten probiotica kreeg en de andere helft een placebo, een nepmiddel, waarbij arts noch patiënt wist wie wat kreeg. Pas na afloop van het onderzoek werden met het verbreken van een code de verschillen tussen de twee groepen zichtbaar.

Aan het onderzoek namen 296 pancreatitis-patiënten deel, die tussen 2004 en 2007 werden behandeld in vijftien Nederlandse ziekenhuizen waaronder alle acht universitaire medische centra. Het UMC Utrecht had de leiding over het onderzoek.

In totaal overleden 24 personen (16 procent) uit de probiotica-groep en 9 patiënten (6 procent) die het placebo hadden gehad. De totale sterfte bedroeg 11 procent. Omdat dit niet afweek van de verwachte 10 procent sterfte, sloeg een speciale ’monitoring-commissie’ die halverwege het onderzoek moest nazien of er geen onregelmatigheden gebeurden, geen alarm.

Als de probiotica geen effect zouden hebben, zou je in deze patiëntgroep vijftien sterfgevallen (10 procent) verwachten. Het is hoogst onwaarschijnlijk dat de extra sterfte het gevolg is van een toevallige fluctuatie. De probiotica hebben dus vrijwel zeker een ongunstig effect gehad.

De Utrechtse artsen gaan daar ook van uit, maar ze hebben er nog geen verklaring voor. Het zou aan het falen van de alvleesklier zelf kunnen liggen, aan de algehele verzwakking van de patiënt (ze lagen allen op de intensive care) of aan de sondevoeding. Voorlopig adviseren ze om in dit soort situaties af te zien van de toepassing van probiotica.

Het is inherent aan medisch onderzoek dat de uitkomsten soms tegenvallen of zelfs ongunstig zijn. Zes jaar geleden werd in de Verenigde Staten een grootschalig onderzoek naar het gebruik van hormoonkuren door vrouwen in de overgang gestaakt omdat de kuren de kans op borstkanker vergrootten.

Vaak ook blijkt een nieuw middel zo effectief dat men het onderzoek voortijdig afbreekt omdat men het onethisch vindt om de placebo-groep het middel niet te geven.

De ongelukkige uitkomst van dit onderzoek bleef onopgemerkt doordat de sterfte in de placebogroep zo laag was dat de extra sterfte door de probiotica niet opviel.

mailIcon print |