De jaarcijfers die Kamervoorzitter Verbeet deze week presenteerde over de parlementaire bedrijvigheid in 2007 lijken een bevestiging van het beeld dat de waan van de dag en de profileringsdrang in Den Haag regeren. Niet alleen het aantal spoeddebatten nam sterk toe, maar ook het aantal ingediende moties en schriftelijke vragen. Toch is het oppassen geblazen met het trekken van te snelle conclusies.
In de eerste plaats is de kritiek dat de Kamer van incident naar incident holt en haar wapens door overvloedig gebruik bot maakt van alle tijden. De klacht klonk ook in de politiek levendige tijd van het kabinet-Den Uyl en in de vooroorlogse jaren. In de tweede plaats is het lastig uit te maken waar integere pogingen het regeringsbeleid te controleren of te beïnvloeden ophouden en de slag om louter media-aandacht begint. Uit de cijfers blijkt dat de oppositie veel vaker gebruik maakt van de parlementaire wapens, zoals het vragen- en interpellatierecht, dan de coalitie. Maar onlogisch is dat niet. Door de dichtgetimmerde regeerakkoorden valt er voor leden van oppositie in het gemeen overleg meestal weinig of niets te halen.
En zelfs als het puur om media-aandacht te doen is, kan de oppositie niet kwalijk worden genomen dat zij haar deel opeist tegenover ministers die zich omringen met legers van voorlichters en spindoctors, onder het motto dat regeren een kwestie van beeldvorming is. Kamervoorzitter Verbeet, die snel aan gezag en vaardigheid heeft gewonnen, laakte terecht het kabinet vanwege de gelikte presentatie van zijn beleidsprogram in de tuin van het Catshuis. Dat behoort in de Tweede Kamer te gebeuren als het centrum van de parlementaire democratie en nergens anders.
Dit blijk van zelfbewustzijn van de voorzitter van de Kamer komt als geroepen. De jaarcijfers laten zien dat het parlement nog altijd het kristallisatiepunt en het vliegwiel is van het publieke debat. Het aantal demonstraties op het Plein en het aantal petities namen vorig jaar toe, terwijl de kijkdichtheid bij de live-uitzending van de algemene beschouwingen in september groter was dan in voorgaande jaren. Tegelijk lijdt, afgaande op de afgehandelde wetsvoorstellen, de wetgevende arbeid niet onder de spoedcultuur, die ook een natuurlijk gevolg is van de toegenomen communicatiesnelheid in de samenleving.
De werkelijkheid is minder negatief dan het beeld. Zelfs kan de doorlopende kritiek waaraan de Kamer blootstaat worden opgevat als de uitdrukking van het belang dat aan een goed functionerend hart van de democratie wordt gehecht.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.