Hier ziet u de Industriestraat in Hengelo, deze week gefotografeerd, met de blik in de richting van het centraal gelegen station dat aan het einde van de straat ligt. Een groot industrieel complex, grenzend aan het stadshart – dat is iets bijzonders, ook al is die industrie er sinds enige jaren uit geweken. Want u kijkt naar het voormalige werkterrein van Stork, de onderneming die na een overname door een Brits opkoopfonds binnenkort als oer-Hollands bedrijf zal ophouden te bestaan.
Maar het industrieel erfgoed staat er nog, de grote productiehallen en fabrieksterreinen, waar ijzer werd gegoten en stoommachines voor de Twentse textiel naar buiten rolden. Maar ook dieselmotoren voor de scheepvaart, en persinstallaties voor suikerriet en pompen en baggermolens en wat al niet. Niet helemaal stilgevallen is het hier – een klein deel van het complex is verhuurd aan Siemens – maar verder wachten de gebouwen op nieuwe tijden.
En die komen er. Ik loop binnen bij het infocentrum ’Hart van Zuid’, het projectbureau dat in samenwerking met de gemeente is opgezet door een grote bouwonderneming en dat het industrieel erfgoed een nieuwe bestemming wil geven. Bij zulke centra betreed je doorgaans ook een wereld van glanzende brochures, ronkende cd-roms, zonovergoten animaties en imponerende maquettes, bij voorkeur opgediend door een stralende gastvrouw.
Die is er gelukkig en ze leidt me rond over dit ’grootste binnenstedelijke project van Nederland’. Vijftig hectare van herontwikkeling. We zien de oude gieterij waaromheen nu een werkelijk kolossaal ROC verrijst, zo kolossaal dat het College Community zal gaan heten, een leerfabriek voor achtduizend studenten. Achter de behouden gevel van de pijpenbuigerij zijn appartementen in aanleg. In de weverij komen, heel grootsteeds, loftwoningen. Er is een gezondheidscentrum gepland en rond de koeltorens projecteert men een cultuurplein, met ateliers en cafés. In de oude opleidingsschool van Stork is inmiddels een techniekmuseum gevestigd met een, hoopt men, internationale uitstraling. En vlak achter het station dat straks Centraal Station Twente heet, verschijnt een nieuwe poptempel en een heus World Trade Center, want Hengelo, kan het mooier, dat ligt natuurlijk op een kruispunt van snelwegen en tussen Amsterdam en Berlijn.
Ik droom graag mee bij zoveel visionair perspectief, en mijn gastvrouw lacht ook heel ontwapenend, zoals ze op haar laarsjes voort stapt door de modder rond de bouwplaats, maar in stilte vraag ik me af welke bevolking zoveel nieuw elan zal gaan dragen. Nee, geeft ze toe, de woningverkoop loopt nog niet erg: van de eerste 37 die er zijn opgeleverd, zijn er nog maar twaalf verkocht. De mensen in deze streken, zegt ze, kijken liever eerst de kat uit de boom. En ze lacht weer.
Als ze in dat nieuwe WTC straks maar geen Twents gaan praten.
© - Alle rechten voorbehouden.
Lees de gebruiksvoorwaarden.